En allebei worden ze al met uitsterven bedreigd.

Het wemelt van de diersoorten in het Amazoneregenwoud en het iets minder bekende Atlantische Woud. En onderzoekers zijn het er wel over eens dat een groot deel ervan nog nooit door wetenschappers beschreven is en ons dus onbekend is. Een nieuw onderzoek bevestigt dat maar weer eens; in het blad Zootaxa maken wetenschappers bekend dat ze in de regenwouden twee nieuwe soorten schreeuwuilen ontdekt hebben.

Nachtdieren
De ontdekking had behoorlijk wat voeten in de aarde, niet in de laatste plaats omdat de uilen echte nachtdieren zijn. En dat betekende dat de onderzoekers er op zoek naar nieuwe soorten ‘s nachts op uit moesten. En dat was toch wel een unieke ervaring, zo vertelt onderzoeker John Bates. “Het was voor mij eerder fascinerend dan angstig, maar tegelijkertijd loop je wel voortdurend in spinnenwebben. En als je een lamp draagt, zie je de ogen van de nachtdieren oplichten. Ik stapte eens over een stuk hout en toen ik naar beneden keek, zat daar gewoon een vogelspin ter grootte van mijn hand.”

Wat ook niet hielp, is dat de schreeuwuilen vaak op tientallen meters hoogte in de bomen zitten. “Om de vogels er uit te lokken, gebruikten we geluidsopnames,” vertelt Bates. “We namen hun kreten op en speelden die vervolgens weer af. De uilen zijn heel territoriaal en wanneer ze de opnames hoorden, kwamen ze er op af om hun territorium te verdedigen.”

Identificatie
Het waren ook de geluiden die de schreeuwuilen maakten, die uiteindelijk tot de ontdekking van de twee nieuwe soorten leidden. De onderzoekers vergeleken de kreten van de schreeuwuilen en stuitten zo op variaties die hintten op de aanwezigheid van onbekende soorten. Om dat te kunnen bevestigen, werd een aantal schreeuwuilen met afwijkende kreten gevangen en nader bestudeerd. Daarbij werd niet alleen gekeken naar hun uiterlijk en in hoeverre dat verschilde van het uiterlijk van de ons bekende soorten schreeuwuilen. Ook het DNA werd onder de loep genomen. “Het was helemaal niet gemakkelijk,” zo vertelt Bates over dit uitgebreide en zorgvuldige proces, bedoeld om nieuwe soorten schreeuwuilen te identificeren. “Zo moet je er met de geluidsopnames voor zorgen dat je de geluiden van voldoende individuen hebt vastgelegd, zodat je met zekerheid kunt zeggen dat de verschillen die je hoort populatie-gerelateerd zijn en geen individuele variaties zijn. Hetzelfde geldt eigenlijk voor het verzamelen van vogels.” Alleen door heel veel schreeuwuilen te bestuderen, kun je de genetische en morfologische verschillen op populatieniveau onderscheiden van de verschillen die er tussen individuele vogels zijn.

Twee nieuwe soorten
Voor het onderzoek werden niet alleen ter plekke gevangen schreeuwuilen bestudeerd. De onderzoekers doken ook in museumcollecties in Brazilië en daarbuiten, om zoveel mogelijk vergelijkingsmateriaal te hebben. Het leidt ze uiteindelijk tot de conclusie dat er in de Amazone en het Atlantische Woud zeker twee ons tot voor kort onbekende soorten schreeuwuilen te vinden zijn: de Xingu-schreeuwuil en de Alagoas-schreeuwuil.

De Xingu-schreeuwuil. Afbeelding: Kleiton Silva.

Ernstig bedreigd
Hoewel we de soorten nog maar net kennen, dreigen we er op korte termijn al afscheid van te moeten nemen. Beide soorten worden namelijk ernstig bedreigd. “De Xingu-schreeuwuil komt enkel voor in het deel van de Amazone dat tijdens de branden in 2019 het zwaarst getroffen werd,” aldus onderzoeker Jason Weckstein. “En de Alagoas-schreeuwuil moet met het oog op de fragmentatie van het kleine stukje woud waarin deze voorkomt als ernstig bedreigd worden beschouwd.”

En de Alagoas-schreewuil. Afbeelding: Gustavo Malacco.

Redden
Maar het is nog niet te laat om de Xingu-uiltjes – waarvan tot voor kort gedacht werd dat ze tot de ons reeds bekende donkerbruine schreeuwuilen behoorden – en de Alagoas-schreewuilen – die tot voor kort onterecht voor de ons eveneens al bekende zwartkapschreeuwuilen werden aangezien – te redden. “Dat we ze nu herkennen voor wat ze zijn – aparte soorten – is een belangrijke eerste stap,” meent Bates. “Beide gebieden – het zuidoosten van de Amazone en het noordelijke deel van het Atlantische Woud – komen steeds meer bekend te staan om hun endemische (enkel hier voorkomende, red.) soorten.” Want de ontdekking van deze schreeuwuilen staat niet op zichzelf. Ook van andere vogels werd lang aangenomen dat ze wijdverspreid in de regenwouden voorkwamen, maar wanneer onderzoekers dan inzoomden bleek het in werkelijkheid om verschillende soorten te gaan die al honderdduizenden of zelfs miljoenen jaren afgescheiden van elkaar geëvolueerd zijn en uniek zijn voor dit gebied. “Door nog eens te benadrukken hoe bijzonder deze gebieden in dat opzicht zijn, is het beschermen ervan voor meer mensen beter te verdedigen.” En zo kunnen niet alleen de talloze vogelsoorten gered worden. “De aanwezigheid van endemische vogels betekent waarschijnlijk ook dat er endemische insecten, planten en andere organismen te vinden zijn.”

Maar de bal ligt nu bij ons, de mens en reden voor de bedreigde status van talloze regenwoudbewoners. “Mensen hebben de toekomst van de biodiversiteit in handen. En we spelen daarin allemaal een rol. Waarom zouden we deze soorten – waarvan velen al langer op aarde voorkomen dan Homo sapiens – niet redden? En we kunnen dat doen zonder onze eigen welvaart op te offeren. Sterker nog: ik zou willen stellen dat mensen beter af zijn als ze dit voor hun planeet en toekomst doen. Onze kinderen verdienen dat.”