kangoeroe

Springen is misschien wel één van de meest kenmerkende eigenschappen van de rode reuzenkangoeroe. Hij maakt makkelijk sprongen van twee meter, maar kan bij gevaar ook dertien meter overbruggen. Uitgestorven reuzenkangoeroe’s, zoals de sthenurine kangaroe, konden mogelijk niet springen. Dit melden wetenschappers van de Brown universiteit.

De grote sthenurine kangoeroe verscheen in het midden van het Mioceen (ruwweg 15 miljoen jaar geleden) op het toneel en stierf uit tijdens het Pleistoceen. Dit dier kon wel 240 kilo wegen en dat is drie keer zo zwaar als de grootste hedendaagse kangoeroe. Wetenschappers vermoeden al langer dat de sthenurine kangoeroe door zijn gewicht niet kon springen. Daar is nu meer bewijs voor gevonden.

Onderzoekers hebben de botten van de uitgestorven kangoeroe geanalyseerd. Daaruit blijkt dat de stevige heupen en de vorm van de ruggengraat erop wijzen dat het dier liep en niet sprong. Er zijn duidelijke anatomische verschillen tussen de botten in deze kangoeroe en soorten die vandaag de dag in Australië rondstruinen.

Een schets van de uitgestorven reuzenkangoeroe. Mogelijk liep dit dier zoals afgebeeld.

Een schets van de uitgestorven reuzenkangoeroe. Mogelijk liep dit dier zoals afgebeeld.

De wetenschappers beweren dat de sthenurine kangoeroe op één poot kon staan. Omdat het dier steeds groter werd, kon de sthenurine minder makkelijk springen en ging de kangoeroe voortbewegen door de poten één voor één te verplaatsen. Het is mogelijk dat de grotere kangoeroe zijn staart na verloop van tijd niet meer gebruikte om te lopen.

“We interpreteren het gedrag van uitgestorven dieren vaak door te kijken naar hedendaagse dieren, maar hoe zouden we een giraf interpreteren als alleen fossielen hadden?”, vraagt onderzoeker Christine Janis zich af. Haar onderzoek is te lezen in het open wetenschappelijke journaal PLOS ONE. “We moeten overwegen dat uitgestorven dieren dingen anders deden dan nog in leven zijnde levensvormen. De anatomie van de botten vertelt het verhaal.”