Een onderzoeker heeft op overtuigende wijze aangetoond dat kunsttenen die in de graven van twee Egyptenaren werden teruggevonden niet zomaar tenen waren. Ze maakte enkele replica’s en liet ze gebruiken door mensen die een teen moeten missen. De tenen blijken perfecte protheses te zijn. En dat bewijst dat de wetenschap achter de prothese veel ouder is dan gedacht.

Egyptoloog Jacky Finch vond in twee graven in totaal twee door mensen gemaakte grote tenen. De eerste teen werd zo’n 2600 jaar geleden vervaardigd en is gemaakt van linnen, dierlijke lijm en bedekt met gips. Waarschijnlijk hebben de makers van de teen er alles aan gedaan om deze zo echt mogelijk te maken: alles wijst erop dat de teen zelfs een kleine inkeping had waar een kunstnagel in gelegd kon worden.

Nog een teen
De tweede teen werd gevonden in het graf van de dochter van een priester. De teen stamt uit de periode tussen 950 en 710 voor Christus. Wellicht had het meisje diabetes en is ze daardoor haar teen kwijtgeraakt. De prothese is een knap stukje werk en bestaat uit drie delen van hout en leer. De teen is zo vormgegeven dat deze zelfs de flexibiliteit van de gewrichten nadoet. Beide tenen hebben gaten. Waarschijnlijk konden hier riempjes aan gemaakt worden en werd de teen zo op zijn plaats gehouden.

Ledematen
Het lijkt misschien voor de hand liggend dat de tenen als protheses dienst deden, maar dat is het niet. De Egyptenaren stuurden hun geliefden zo compleet mogelijk naar het hiernamaals. Ledematen die misten, werden na het overlijden nagemaakt zodat de dode het in ieder geval in het hiernamaals niet zonder hoefde te doen.

WIST U DAT…

Proefpersonen
Het feit dat de tenen met grote zorg en een enorme nauwkeurigheid tot stand zijn gebracht, wijst er volgens Finch echter op dat de tenen wel degelijk als prothese werden gebruikt. Om dat aan te tonen, maakte ze de tenen na en verzamelde ze enkele vrijwilligers die aan de rechtervoet geen grote teen meer hadden. De nagemaakte tenen waren gebaseerd op de techniek van de Egyptenaren, maar wel aangepast op de voeten van de proefpersonen.

Tred
De wetenschappers lieten de proefpersonen met hun kunstmatige teen wandelen en bestudeerden de tred en de bewegingen van de gewrichten. De resultaten zijn verbazingwekkend. De proefpersonen gebruikten de teen alsof het een teen van vlees en bloed was en zetten er ook echt op af. De tenen van hout zaten comfortabeler, maar de teen van linnen maakte de proefpersonen nog iets mobieler.

De tenen zijn dus echte protheses en dat verandert de geschiedenis van deze hulpmiddelen. Voorheen was een Romeinse prothese – een bronzen been – uit 300 voor Christus de oudste prothese. Helaas is dit exemplaar niet bewaard gebleven: het werd tijdens de Tweede Wereldoorlog vernield en het enige wat er nog van over is, is een gipsen kopie. De Egyptische tenen blijken nu nog een stuk ouder te zijn.