Een vuurzee in het jonge zonnestelsel zorgde ervoor dat er weinig koolstof overbleef op de binnenste planeten, waaronder op aarde. Ons leven is gebaseerd op koolstof, maar toch is het element relatief schaars op aarde. In vergelijking met stikstof zijn kometen duizenden keren koolstofrijker dan de aarde. Ook de zon heeft meer koolstof.

Wetenschappers zijn er achter gekomen waar koolstof is gebleven. Zij menen dat de zon vroeger gehuld was in een stoffige schijf met hete zuurstofatomen. De vurige stofschijf verbrandde de koolstof, waardoor koolstofdioxide en andere gassen ontstonden. Vuur zou genoeg zijn om alle vaste koolstof binnen enkele jaren uit het binnenste zonnestelsel te vernietigen.

De wetenschappers hebben meer bewijzen gevonden in de asteroïdengordel. Asteroïden dichter bij de zon hebben meer koolstof, dan asteroiden die zich dichter bij Jupiter bevinden.

Maar toch bevat de aarde wel koolstof. Hoe kan dit? Wel, na de vuurzee werd het zonnestelsel steeds kouder en kouder. De aarde werd echter nog wel bestookt door asteroïden en kometen. Deze objecten brachten koolstof op de aarde. Een voordeel voor ons, want chemische reacties in de buitenregionen van het zonnestelsel transformeerden simpele koolstof in complexere moleculen, zoals aminozuren. En aminozuren zijn toevallig een van de basisingrediënten voor leven.