Chronische slapeloosheid kost meer dan een extra kopje koffie om wakker te blijven. Patiënten verliezen namelijk grijze stof, het deel van het centraal zenuwstelsel dat de cellichamen van de zenuwcellen, dendrieten en korte axonen bevat. Wetenschappers weten niet wat eerst komt: slapeloosheid of het verlies van grijze stof.

Er is een verband gevonden tussen slapeloosheid en een verlaging van de dichtheid van de grijze stof in de hersenen in gebieden waar het brein beslissingen maakt en tot rust komt. Dankzij dit verband kunnen wetenschappers beter op zoek gaan naar medicijnen om insomnie tegen te gaan.

Voor het onderzoek vergeleken wetenschappers de hersenen van 24 chronische insomnie-patiënten met de hersenen van dertien normale slapers. De patiënten die het meest last bleken te hebben van slapeloosheid, hadden de ‘luchtigste’ hersenen.

Maar wat is er eerder? Het kip of het ei? “De data suggereert dat een lage dichtheid van witte stof in de orbitofrontale cortex een risicofactor is met betrekking tot het ontwikkelen van slapeloosheid”, vertelt Ellemarijie Altena van de Cambridge universiteit. “We hebben alleen oudere mensen onderzocht, dus toekomstige studies met jongere mensen wijzen misschien uit wat eerst komt.”