Een nieuw onderzoek brengt de modegril in verband met een toch wel serieus voetprobleem.

Wie mooi wil zijn moet pijn lijden. Het is een gezegde die vermogende middeleeuwse Britten wel erg serieus namen. Wetenschappers hebben namelijk ontdekt dat in het stadscentrum begraven rijke burgers en geestelijken veel vaker leden aan een knobbelteen. En dat betekent dat deze vermogende stedelingen op meer dan één manier een hoge prijs voor hun schoeisel betaalden.

Knobbelteen
Een knobbelteen – ook wel hallux valgus genoemd – is kort gezegd een vergroeiing van de grote teen. Hierdoor komt deze teen scheef te staan en ontstaat er een pijnlijke knobbel. Hoewel verschillende factoren iemand voor deze aandoening vatbaar maken, is veruit de meest voorkomende oorzaak verkeerde schoenen. Tegenwoordig wordt deze kwaal met name in verband gebracht met het dragen van hoge hakken.

Een knobbelteen. Afbeelding: University of Cambridge

Middeleeuwen
Maar ook in de latere middeleeuwen leed men aan knobbeltenen. In de nieuwe studie bestudeerden onderzoekers menselijke overblijfselen opgegraven in en om de Engelse stad Cambridge. Allereerst boog het team zich over skeletten die tussen de 11e en 13e eeuw ter ruste waren gelegd. Slechts zes procent van hen leed aan een knobbelteen. Vervolgens analyseerden de onderzoekers menselijke resten uit de 14e en 15e eeuw. En toen bleek dat maar liefst 27 procent van hen de pijnlijke aandoening onder de leden had.

In de mode
Waar deze beduidende toename vandaan komt? In de 14e eeuw veranderde de schoenenmode aanzienlijk: van een functionele ronde neus, naar een lange en elegante punt. “De 14e eeuw bracht een overvloed aan nieuwe stijlen van kleding en schoeisel in een breed scala aan stoffen en kleuren met zich mee,” vertelt onderzoeker Piers Mitchell. “Onder deze modetrends bevond zich de puntige schoen, de poulaine genaamd. De gevonden schoenen die zijn opgegraven in plaatsen als Londen en Cambridge suggereren dat tegen het einde van de 14e eeuw elk type schoen op z’n minst licht puntig was – een stijl die zowel bij volwassenen als bij kinderen voorkwam. We realiseerden ons dat de toename van het aantal knobbeltenen in de loop van de tijd te wijten moet zijn aan de opkomst van deze nieuwe schoenenmode.”

Een paar poulaine-schoenen uit de 15e eeuw. Afbeelding: University of Cambridge

Bovendien blijken met name de vermogende stedelingen aan de kwaal te hebben geleden. Degenen die namelijk in het stadscentrum werden begraven – met name op percelen voor rijke burgers en geestelijken – bleken veel vaker knobbeltenen te hebben dan het armere volk. Zo ontdekten de onderzoekers dat slechts 3 procent van de mensen begraven op landelijke graafplaatsen tekenen van knobbeltenen vertoonde, tegenover maar liefst 23 procent van de mensen begraven op ziekenhuisterrein.

Vallen
De bevindingen duiden erop dat rijke middeleeuwse Britten er heel wat voor over hadden om aan de ietwat bizarre modetrend mee te doen. Zelfs als dat ook op andere vlakken voor ongemak zorgde. De onderzoekers ontdekten namelijk dat de personen met knobbeltenen ook vaak gebroken botten aan de bovenste ledenmaten hadden die gewoonlijk het gevolg van een val zijn. Volgens de onderzoekers zou het goed kunnen dat deze vermogende Britten onverhoopt voorover zijn getuimeld en zo met uitgestrekte armen op de grond kwakten. “Modern klinisch onderzoek bij patiënten met knobbeltenen heeft aangetoond dat de misvorming het moeilijk maakt om in evenwicht te blijven, met name voor ouderen,” licht onderzoeker Jenna Dittmar toe. “Dit zou het hoge aantal genezen gebroken botten kunnen verklaren die we vonden in middeleeuwse skeletten met deze aandoening.”

In de laatmiddeleeuwse samenleving werd de punt van de poulaine zo extreem, dat in 1463 koning Edward IV daar door middel van een nieuwe wet een stokje voor stak. De lengte van de punt mocht vanaf dat moment niet langer dan vijf centimeter zijn. Desalniettemin had de modetrend toen al heel wat onfortuinlijke slachtoffers gemaakt. “We beschouwen knobbeltenen vaak als een modern probleem,” zegt Dittmar. “Maar ons werk laat zien dat het in feite één van de meest voorkomende aandoeningen onder middeleeuwse volwassenen was.”