Vissen zijn in de toekomst niet langer in staat om gevaar te ruiken. Dat komt doordat de oceanen verzuren. Dat blijkt uit onderzoek. Wanneer koolstofdioxide in zeewater oplost, kunnen met name jonge vissen de geur van roofdieren niet meer juist interpreteren.

Uit het onderzoek blijkt dat jonge vissen in zuurder water meer risico’s nemen. Ze zwemmen verder van hun schuilplaats vandaan en lijken daarmee de confrontatie met een roofdier op te zoeken. Dit gedrag leidt tot een snelle terugloop van het aantal vissen,

Schelpdier
Het is reeds bekend dat de verzuring van de oceanen tot problemen leidt. Zo kunnen schelpdieren in het zure water moeilijker een schelp vormen. Het is echter voor het eerst dat onderzoekers aantonen dat verzuring ook vissen direct schaadt.

Experiment
De wetenschappers plaatsten jonge exemplaren van onder meer de clownvis in een reservoir met water. Dit water was net zo zuur als de oceanen naar verwachting aan het eind van de eeuw zullen zijn. Al na enkele dagen bleek het reukorgaan van de visjes minder goed te werken. De vissen in het zure water brachten 93 procent van hun tijd door in de waterstroom met de geur van het roofdier erin. De vissen in het ‘gewone’ water vermeden die geur juist.

Zuurder
De wetenschappers weten niet precies hoe het komt dat de vissen geuren minder goed opvangen of anders interpreteren. Wat wel vast lijkt te staan, is dat dit probleem een enorme omvang kan krijgen; de oceanen worden immers steeds zuurder.

De onderzoekers nemen aan dat de vissen niet de enigen zijn wiens reukvermogen wordt aangetast. Ook de roofdieren, zoals bijvoorbeeld haaien, zouden wel eens last kunnen hebben van het zure water.