Wetenschappers hebben ontdekt dat vissen echte hoogvliegers zijn op het land. Letterlijk. Ze kunnen opvallend ver springen.

Volgens de evolutietheorie ontstond het leven in het water. Op een gegeven moment besloten een aantal organismen echter op het land verder te gaan. Een heftige overgang die zojuist ietsje begrijpelijker is geworden.

Springen
Wetenschappers bestudeerden een aantal vissoorten om te achterhalen hoe zij zichzelf op het land konden redden. Het resultaat is opmerkelijk, zo is in het blad Journal of Experimental Zoology A te lezen. De vissen blijken heel ver te kunnen springen op het land. “Elke vis die we bestudeerden kon springen,” stelt onderzoeker Alice Gibb.

Filmpje

Bekijk hier en hier filmpjes van de springende vissen.

Meer
Het onderzoek wijst erop dat kunnen springen geen aanpassing is die maar voor enkele vissoorten is weggelegd. Nee: deze studie suggereert dat die vaardigheid heel gewoon is onder beenvisachtigen. En dat wijst er weer op dat veel meer voorouders van vissen het land opkwamen dan gedacht.

De onderzoekers bestudeerden onder meer de zebravis en het muskietenvisje. Deze twee soorten bleken dezelfde techniek te gebruiken om te springen. “De laatste gezamenlijke voorouder van deze twee soorten leefde zo’n 150 miljoen jaar geleden,” weet Gibb. “Dat wijst erop dat het gedrag zeker zo oud is.”

Springende vissen. Afbeeldingen: Journal of Experimental Zoology A.