Het beest beschikt over een lange, slanke en tandeloze snavel die nog nooit eerder bij een pterosauriër is gezien.

Onderzoekers hebben een nieuw soort pterosauriër ontdekt. Het gaat om een klein vliegend reptiel, vergelijkbaar met de grootte van een kalkoen. Het is een verrassende vondst. Want het dier lijkt merkwaardig genoeg in niets op de pterosaurussen die we kennen.

Meer over de pterosauriër
De pterosaurus was een vliegend reptiel dat zij-aan-zij met de dinosaurussen leefde. Toch vormen ze de wat minder bekende neven van de dino’s. Ondertussen zijn er meer dan honderd soorten van deze gevleugelde reptielen bekend. En hieruit blijkt dat ze veel van elkaar kunnen verschillen. Sommige waren namelijk zo klein als een huismusje terwijl andere zich konden meten met een straaljager. Ook het dieet en de manier van jagen onder pterosauriërs waren zeer divers. Zo aten ze vlees, vis en insecten. De grootste exemplaren die wel 200 kilo konden wegen, aten waarschijnlijk simpelweg waar ze zin in hadden.

De nieuwe soort heeft de naam Leptostomia begaaensis gekregen. Zijn overblijfselen werden aangetroffen in de zogenoemde ‘Kem Kem Group’, een regio in de Marokkaanse Sahara. Hoewel deze woestijn vandaag de dag een droge en dorre omgeving voorstelt, herbergde deze in vervlogen tijden een enorm riviersysteem. “Leptostomia is waarschijnlijk een veel voorkomende pterosauriër geweest,” zegt onderzoeker Nick Longrich. “Het zou best kunnen dat wetenschappers al jaren stukjes van dit beest hebben gevonden. Maar we wisten niet wat ze precies voorstelden, tot nu.”


Snavel
Met name de snavel van de nieuwe pterosauriër is een geval apart. Toen onderzoekers op het versteende stuk snavel stuitte, werd in eerste instantie verondersteld dat het deel uitmaakte van de rugvin van een vis. Maar toen ontdekte de onderzoekers de ongewone textuur van het bot dat tot nu toe alleen nog bij pterosauriërs is gezien. Dit leidde tot een opvallende conclusie. Want het betekende namelijk dat het gevonden fossiel een stuk snavel vertegenwoordigde. Leptostomia begaaensis zou dus over een lange, slanke en tandeloze snavel hebben beschikt. “We hebben nog nooit zoiets als dit gezien,” zegt onderzoeker David Martill. “De bizarre vorm van de snavel is zo uniek, dat de fossielen aanvankelijk niet werden herkend als die van een pterosaurus.”

Jagen
Met zijn bizarre snavel zocht Leptostomia begaaensis waarschijnlijk in de modder naar verborgen prooien. Ook gebruikte hij de snavel om op wormen en kreeftachtigen te jagen en misschien zelfs kleine schelpdieren te verorberen. Aangezien de pterosauriër namelijk ooit in de Kem Kem Group leefde, zou het goed kunnen dat hij zich voedde met in water levende dieren. Overigens beschikken ook veel hedendaagse vogels over een soortgelijke snavel. De snavels die het meest op die van Leptostomia begaaensis lijken, zijn van sonderende vogels, zoals de strandloper, kiwi, wulp, ibis en hop. Waarschijnlijk hield Leptostomia begaaensis er dus een soortgelijke levensstijl op na. “We wisten dat sommige pterosaurussen vanuit de lucht op prooien jaagden,” zegt Martill. “Ook achtervolgden sommige soorten hun prooi op de grond. Maar nu laten de overblijfselen van deze opmerkelijke kleine pterosauriër een voorheen onbekende levensstijl zien.”

Artistieke impressie van de Leptostomia begaaensis. Afbeelding: Megan Jacobs, University of Portsmouth

De nieuwe soort laat goed zien dat een eeuw nadat de eerste pterosauriër werd ontdekt, er nog steeds veel over dit dier te leren valt. “We hebben de diversiteit van pterosauriërs onderschat, met name omdat het fossielenbestand ons een vertekend beeld geeft,” zegt Longrich. Maar waarom? “De meeste pterosaurus-fossielen zijn bewaard in waterige omgevingen, denk aan zeeën, meren en lagunes,” legt de onderzoeker uit. “Dat komt omdat pterosaurussen die over het water vliegen om op vis te jagen er soms per ongeluk in vallen en sterven. Op die manier worden hun botten begraven in sedimenten. Maar het is veel zeldzamer dat ook de botten van de pterosauriërs die aan de rand van het water jagen, behouden blijven. Sterker nog, de pterosaurussen die in binnenlandse leefgebieden woonden zullen wellicht nooit als fossiel bewaard zijn gebleven.” Een soortgelijk patroon zien we overigens bij vogels. Als we alleen hun fossielen hadden, dan zouden we waarschijnlijk denken dat de wereld voornamelijk bevolkt was met watervogels, zoals pinguïns, papegaaiduikers, eenden en albatrossen. Ook al vormen ze een minderheid, hun fossielenbestand is veel uitgebreider dan die van landvogels zoals kolibries, haviken en struisvogels.


De onderzoekers zijn erg opgewonden over hun ontdekking. Bovendien is het verhaal van de pterosaurus nog lang niet ten einde. In de loop van de tijd zijn er namelijk steeds meer soorten pterosauriërs met verschillende levensstijlen ontdekt. Die trend, suggereert het nieuwe onderzoek, zal zich waarschijnlijk voortzetten.

Wist je dat…

…de machtige pterosaurus waarschijnlijk volledig naakt was? Een onlangs gepubliceerd onderzoek tornt aan het idee dat de vliegende reptielen veren hadden. Meer weten? Lees hier verder!