Ze bestaan nog. Mannen die wel luisteren. Mannelijke winterkoninkjes luisteren zelfs beter naar hun vrouw dan naar zichzelf.

Dat blijkt uit een onderzoek naar de vogel Pheugopedius euophrys. De vogeltjes gaan regelmatig met elkaar in duet: een mannetje en een vrouwtje zingen dan samen. Om het goed te laten klinken, moeten ze naar elkaar luisteren en tegelijkertijd zingen.

Luisteren
Onderzoeker Eric Fortune was benieuwd wat zich allemaal in het brein van de vogeltjes afspeelde wanneer ze zongen. Hij verzamelde daarom drie vrouwtjes en drie mannetjes. Eerder had hij al liedjes van deze vogeltjes opgenomen. Hij zorgde ervoor dat de vogels niet meer bij bewustzijn waren en bestudeerde hun hersenactiviteit terwijl hij stukjes van een duet liet horen. Soms hoorden de vogels hun eigen stukje. Soms hoorden ze een stukje van hun partner.

WIST U DAT?

…sommige vogels hun rivalen gek maken door te fluisteren?

Samenwerken
Fortune verwachtte dat de vogels het sterkst zouden reageren op hun eigen stukje zang. Maar dat was niet het geval. De hersenactiviteit nam het sterkst toe wanneer de vogels samen zongen. “De sterkste herinnering die ze hebben, betreft het gezamenlijke optreden,” concludeert Fortune. Het verklaart waarom het duet altijd zo goed klinkt. Samenwerking zit in het brein van de vogeltjes verankerd.

Een wijze les?
Maar het wordt nog opvallender. Want wanneer de mannetjes een stukje van het duet hoorden dat verzorgd werd door hun vrouwtje, nam de hersenactiviteit veel sterker toe dan wanneer ze hun eigen gezang hoorden. En dat terwijl mannetjes nooit het stukje van de vrouw zingen. De vrouwtjes reageerden niet zo sterk op het liedje van de man. Blijkbaar is het voor de mannetjes veel belangrijker om goed naar het vrouwtje te luisteren. Het is blijkbaar zelfs belangrijker dan hun eigen gezang. Mogelijk zorgt dat ervoor dat een duet perfect wordt en schept dat een band tussen de twee vogeltjes. “Misschien kunnen mannen nog wat leren van het brein van winterkoninkjes,” merkt Fortune fijntjes op.

Het volledige onderzoek is terug te vinden in het blad Science.