bonte vliegenvanger

De laatste jaren kwam de lente steeds vroeger in Nederland aan. Toch kan er weleens een jaar tussen zitten waarbij dat niet het geval is. Dit jaar was zo’n jaar. De kou hield wel heel erg lang aan en brengt vogels in de war.

Christiaan Both, hoogleraar dierecologie aan de Rijksuniversiteit Groningen vertelt hierover: “Het voorjaar valt nu op hetzelfde tijdstip als dertig jaar geleden. Dat draait de beginnende aanpassing van vogels als de bonte vliegenvanger jaren terug.”

Klimaatverandering
Tussen half april en half mei is de temperatuur de laatste 25 jaar met ongeveer 3,5 graden gestegen. Als bomen beginnen uit te lopen, is er een piek in het aantal rupsen, precies op het moment dat jonge vogels uit het ei kruipen. Er is dan voldoende voedsel voor hen. “Waarnemingen van biologen laten zien dat de rupsenpiek tegenwoordig drie weken eerder valt dan in 1985. Maar vliegenvangers en mezen hebben zich niet volledig aangepast: hun jongen komen 10 dagen eerder uit het ei dan in 1985. Warmbloedige dieren hebben meer moeite zich aan te passen aan een veranderend klimaat dan insecten.”

Aankomst
Soorten als de vliegenvanger overwinteren in Afrika, ongeveer 5000 kilometer van Nederland vandaan. Zij doen er ongeveer drie weken over om in Nederland te komen. Als de weersomstandigheden onderweg naar ons land erg slecht zijn, kunnen vogels hun voorjaarstrek onderbreken en afwachten tot de weersomstandigheden verbeteren. “Tegenwoordig lijken de vliegenvangers eerder in Nederland aan te komen, wat mogelijk een evolutionaire aanpassing is. Door precies te meten wanneer individueel geringde vliegenvangers arriveren, weten wij dat er vroege en minder vroege vogels zijn én dat dat verschil overerft van ouders op jongen. Door de verschuiving van de rupsenpiek is voor de vroege vogels tegenwoordig meer voedsel beschikbaar, zodat zij meer jongen kunnen grootbrengen. Het aandeel van vroege vogels is daardoor toegenomen,” aldus Both.

WIST U DAT…

…zonnepanelen het juist heel goed doen tijdens dit koude voorjaar?

Gevolgen vertraagd voorjaar
Dit jaar is de lente later begonnen. Een voordeel dus voor de vliegenvangers die later in ons land aankomen. Volgens Both is de verwachting dat de latere vogels nu meer jongen zullen krijgen dan de vroegere vogels. De rupsenpiek is immers ook drie weken later. Nader onderzoek zal dit moeten uitwijzen. Dit koude voorjaar kan de evolutionaire aanpassing van trekvogels danig in de war schoppen. Het voorjaar begint nu drie weken later, maar dat is dus slecht voor soorten als de vliegenvanger: het draait de beginnende aanpassing weer jaren terug.

Effect op het voedselweb
Both vervolgt zijn verhaal: “Voor biologen is klimaatverandering bijzonder interessant, omdat wij hierdoor goed kunnen bestuderen hoe het proces van aanpassing werkt. En hoe moeilijk de soorten die zich moeten aanpassen het kunnen hebben. De opwarming heeft een verschillend effect op verschillende onderdelen van het hele voedselweb. De rupsen passen zich sneller aan dan de vogels, die daardoor minder rupsen zullen eten. Dat lijkt goed voor de rups, maar kan slecht uitpakken voor de bomen. Wanneer rupsen de eiken kaalvreten, zullen de bomen dat jaar geen eikels meer produceren, wat slecht is voor bijvoorbeeld bosmuizen en wilde zwijnen.”

Het onderzoek van Both is nog lang niet afgerond. “De verschillen tussen soorten in snelheid van aanpassing kan een voedselweb ontwrichten, maar daar weten wij nog vrijwel niets over. In mijn onderzoek wil ik deze effecten van klimaatverandering voor een groot deel van het voedselweb in kaart brengen, door observaties en experimenten in de bossen.”