De spin laat zich uit bomen vallen en stuurt zichzelf tijdens zijn vrije val bij, net zoals een skydiver dat doet.

De wetenschappers die het opmerkelijke gedrag van de spin ontdekten, doen al meer dan tien jaar onderzoek naar insecten die geen vleugels hebben, maar toch kunnen vliegen. Hun onderzoek begon nadat ze per ongeluk enkele mieren van een tak veegden en vervolgens tot hun stomme verbazing zagen dat deze moeiteloos naar een andere boom gleden. Sindsdien maken de onderzoekers er een sport van om geleedpotingen die niet kunnen vliegen uit een boom te gooien en te kijken wat er gebeurt.

Stuiteren
Datzelfde deden ze met de spin Selenops banksi. Tot hun verbazing viel de spin niet als een steen naar beneden, maar stuurde deze tijdens zijn val bij, om vervolgens in een boom te landen. De spin ‘stuurt’ door zijn poten te spreiden. En wanneer de spin onverhoeds met zijn rug op de grond gericht naar beneden valt, is deze in staat om zich tijdens zijn glijvlucht om te draaien. De onderzoekers waren er tevens getuige van dat spinnen soms stuiterden: ze landden te hard, waardoor ze weer in de lucht belandden. De spinnen bleken dan in staat te zijn om zich te herpakken en opnieuw op de stam te landen.

De eerste
S. banksi is de eerste – en tot op heden enige – spinachtige waarvan we weten dat deze kan skydiven. Andere spinachtigen – waaronder andere soorten spinnen, maar ook bijvoorbeeld zweepstaartschorpioenen – vallen simpelweg als een baksteen naar beneden wanneer je ze uit je handen laat glippen.

De onderzoekers denken wel te weten waarom deze spin heeft leren skydiven. Het stelt de spin in staat om uit een boom te springen als gevaar dreigt. En voorkomt dat de spin vervolgens op de grond – waar nog veel meer gevaar dreigt – landt.