Wetenschappers hebben ontdekt dat vrouwelijke atleten gemakkelijker wegkomen met een valse start en pleiten voor een andere aanpak.

Zodra het startschot klinkt, schieten atleten weg. Soms klinkt er dan een waarschuwingssignaal: het bewijs dat er sprake is van een valse start. Zo’n signaal gaat af wanneer een atleet binnen 100 milliseconden na het startschot teveel druk uitoefent op het startblok. Die regelgeving is in 1990 vastgesteld na experimenten met acht atleten (allemaal mannen).

Onderzoek
Onderzoekers raakten gefascineerd door de valse start en besloten het fenomeen te onderzoeken. Ze bestudeerden de start die honderden atleten (mannen en vrouwen) tijdens de Olympische Spelen van 2008 maakten. En dat levert opvallende resultaten op, zo meldt PLoS ONE.

Resultaten
Mannen blijken bijvoorbeeld veel sneller op het startschot te reageren. Gemiddeld maar liefst 22 milliseconden sneller dan vrouwen. De snelste man reageerde 109 milliseconden na het startschot. De snelste vrouw 121 milliseconden. En gemiddeld gaat het om respectievelijk 166 en 188 milliseconden.

Oneerlijk?
En dat wijst erop dat het hele systeem van ‘een valse start als mensen binnen 100 milliseconden na het startschot starten’ niet klopt. Als een man 160 milliseconden nodig heeft om te starten en hij start al na 120 milliseconden dan is het een valse start, maar wordt deze niet als zodanig genoteerd. Vrouwen hebben het nog beter voor elkaar. Zij hebben met een gemiddelde reactietijd van 188 milliseconden nog meer ruimte voor een valse start zonder dat deze als valse start wordt aangemerkt. Daar komt nog eens bij dat een vrouw minder kracht heeft dan een man en dus meer tijd nodig heeft om veel kracht op het startblok uit te oefenen. De kans dat zij met haar langzame reactietijd in zo’n korte tijd (100 milliseconden) teveel druk op het startblok uitoefent, is zeer klein.

Volgens de onderzoekers bewijst hun studie dat het tijd is voor een nieuwe regelgeving als het gaat om de valse start. Maar deze kwestie beperkt zich niet alleen tot de atletiekbaan. De resultaten zijn op meer zaken van toepassing. Op autorijden bijvoorbeeld. Het is aannemelijk dat vrouwen ook daar minder snel reageren en minder snel kracht zetten op bijvoorbeeld de rem. De gevoeligheid van de rem zou dan eigenlijk ook moeten worden aangepast als een dame achter het stuur kruipt, zo adviseren de onderzoekers.