De grootte van het brein van de vrouw verandert gedurende haar cyclus. Sommige gebieden worden in aanloop naar de ovulatie maar liefst twee procent groter. Dat blijkt uit onderzoek van Zwitserse wetenschappers. Ze lieten vrouwen op verschillende momenten in de cyclus een MRI-scan ondergaan.

Bij de vrouwen die geen pil slikten, nam de grijze stof in een bepaald deel van de hersenen sterk toe. Het betreffende gebied is verantwoordelijk voor het herkennen van gezichten, lichamen en landschappen. Dat dit gebied juist op het moment vlak voor de ovulatie – het meest vruchtbare tijdstip in de cyclus – beter werkt, is logisch. Het kan vrouwen helpen bij het vinden en herkennen van een goede partner. Het effect duurt echter maar even; kort na de ovulatie neemt de grijze stof weer snel af.

Vrouwen die de pil slikten, bleken een grotere hippocampus en grotere kleine hersenen te hebben. Beide delen van het brein worden geassocieerd met geheugen en beweging. Volgens de onderzoekers is het aannemelijk dat de pil ervoor zorgt dat typisch vrouwelijk gedrag zoals superieure taalvaardigheden en een goed geheugen nog eens wordt uitvergroot.