Wetenschappers van het SETI-instituut zijn erin geslaagd om vulkanisme op Jupiters maantje Io vanaf de aarde waar te nemen. En de waarnemingen zijn bijzonder gedetailleerd: zelfs ‘details’ van slechts 100 kilometer groot zijn zichtbaar.

Dat het gelukt is om vulkanisme op het maantje vanaf de aarde waar te nemen, is heugelijke nieuws. Sinds orbiter Galileo in 2003 met pensioen ging, is er namelijk geen enkele sonde meer die Io bestudeert. En er staan op korte termijn ook geen missies richting Jupiter en de maantjes gepland: pas tegen 2030 weer. Dat zou betekenen dat het vulkanisme dat zich tussen 2003 en 2030 afspeelt aan ons zicht onttrokken wordt en er dus een enorm gat in onze gegevens ontstaat.

In detail
Dankzij wetenschappers van SETI hoeven we daar nu echter niet meer bang voor te zijn. Het is ze gelukt om vanaf de aarde vulkanische activiteit op Io bijzonder gedetailleerd vast te leggen. En dat is best bijzonder. Klassieke telescopen kunnen uitbarstende vulkanen op Io namelijk niet waarnemen. Io is van zichzelf al vrij klein (een diameter van ongeveer 3600 kilometer) en bevindt zich ver weg (op 630 miljoen kilometer van de aarde). Dat was ook de reden dat wetenschappers in het verleden ruimtesondes naar Jupiter en de maantjes stuurden: het was onze enige manier om een gedetailleerd beeld te krijgen.

Erupties op Io. Foto: F. Marchis.

Verbetering
De laatste tijd is dat echter aan het veranderen. Astronomen hebben een techniek ontwikkeld waarmee het gemakkelijker is om waarnemingen vanaf de aarde te doen: de vervaging die optreedt doordat de atmosfeer van de aarde voortdurend beweegt, kan in realtime worden weggepoetst, waardoor ons beeld van andere hemellichamen al een stuk beter wordt. En die technologie verbetert voortdurend. Dankzij die verbeteringen zijn de wetenschappers van SETI in staat geweest om zeer gedetailleerde beelden van Io te maken, waarop zelfs 100 kilometer grote objecten goed zichtbaar zijn. En de onderzoekers hebben zelfs al nieuwe dingen ontdekt. Zo blijkt de vulkanische activiteit sinds september 2010 af te nemen.

Het wordt in 2010 en 2011 wat rustiger op Io. Foto: F. Marchis.

De onderzoekers blijven Io in de gaten houden en hopen zo een tijdlijn te kunnen maken waarop alle vulkanische activiteiten een plekje krijgen. De waarnemingen die nu vanaf de aarde worden gedaan kunnen in de toekomst worden aangevuld met waarnemingen van ruimtesondes die Io daadwerkelijk bezoeken. “Ruimtesondes zijn altijd maar in staat geweest om een glimp van de vulkanen op Io te zien. Voyager gedurende enkele maanden, Galileo enkele jaren en New Horizons enkele dagen. Observaties vanaf de aarde kunnen de vulkanen op Io over lange perioden blijven volgen.” En naarmate de telescopen steeds beter worden, worden de observaties dat ook. In de toekomst kunnen observaties vanaf de aarde ons wellicht even goede beelden bieden als een sonde die langs Io vliegt.