Elke vertraging zal sommige onderzoeken biologisch onmogelijk maken. Willen we de oorsprong van het coronavirus achterhalen, dan zullen we nu in actie moeten komen, zo bepleiten wetenschappers.

Wat is de ware oorsprong van het coronavirus? Het is een prangende vraag die nog altijd onbeantwoord blijft. Lang werd verondersteld dat het virus voor het eerst toesloeg op een markt in Wuhan en daar van dier op mens oversprong. Toch blijft hard bewijs voor deze en tevens andere geopperde theorieën uit. Wetenschappers stellen nu echter dat er haast is geboden om te achterhalen waar de pandemie begon. Want anders zullen we het mogelijk nooit te weten komen.

Vastgelopen
In een commentaarstuk gepubliceerd in het vakblad Nature, vatten de aangewezen, onafhankelijke internationale leden van het onderzoeksteam het wetenschappelijke proces tot dusver samen. En de zoektocht naar de oorsprong van het coronavirus, blijkt verre van eenvoudig. “Ons rapport is afgelopen maart gepubliceerd,” schrijft het team. “Het was bedoeld als de eerste stap in een proces dat is vastgelopen.”

Drie routes
In het gezamenlijke rapport legde het team uit dat het coronavirus op drie manieren bij de mens kan zijn terechtgekomen, namelijk: (1) zoönotische infectie door het hanteren van besmette dieren; (2) door consumptie van besmet voedsel of voedsel van besmette dieren; of (3) door ontsnapping uit een laboratorium dat met dierlijke virussen werkt. Van deze drie mogelijke routes vonden de onderzoekers een “directe introductie of indirecte zoönotische introductie via een tussengastheer” het meest aannemelijk, zo schrijven ze.

Geen definitieve antwoorden
Toch betekent dit niet dat dit ook de daadwerkelijke route is. “Er werd niet verwacht dat deze eerste studie definitieve antwoorden zou geven over de exacte oorsprong van SARS-CoV-2,” aldus de onderzoekers. “In plaats daarvan was fase 1 altijd bedoeld om de basis te vormen voor een langer proces van wetenschappelijk onderzoek dat maanden of zelfs jaren kon duren. Daarom deed het rapport aanbevelingen voor fase 2-onderzoeken die het bewijs zouden volgen en het proberen te herleiden langs de meest waarschijnlijke paden.”

Laboratoriumincident
Hoewel onderzoekers de kans vrij klein achten dat het coronavirus tijdens een incident in een laboratorium onder mensen geïntroduceerd is, sluiten ze het niet volledig uit. “We vonden deze hypothese te belangrijk om te negeren, dus stelden we dit ter discussie met onze Chinese tegenhangers,” zo schrijven de onderzoekers. Hier is echter nog geen bewijs voor gevonden. Tedros Adhanom Ghebreyesus, directeur-generaal van de Wereldgezondheidsorganisatie, pleitte afgelopen maart echter voor meer onderzoek naar de hypothese dat het virus uit een laboratorium is ontsnapt. “Ik geloof niet dat we dat uitgebreid genoeg beoordeeld hebben,” zei hij destijds. “Meer data en onderzoek is nodig om tot robuustere conclusies te komen.”

Toch lijkt er niet echt schot in zaak te zitten. “Het Chinese team was en is nog steeds erg terughoudend om ruwe gegevens te delen,” schrijven de onderzoekers. “Bijvoorbeeld over de 174 gevallen die in december 2019 zijn geïdentificeerd, uit bezorgdheid over de vertrouwelijkheid van de patiënten.” De onderzoekers besloten toen deze 174 gevallen even te laten voor wat het was. “Toentertijd was het ook onduidelijk of de 174 gevallen inderdaad de eersten waren,” schrijven ze. “Daarom beschouwden we ze al minder urgent in onze zoektocht naar de oorsprong.”

Onduidelijk
Tot op heden is er echter nog veel onduidelijk. Aannemelijk is dat het virus van dier op mens is overgedragen. Maar van welk dier is het virus dan afkomstig? Vleermuizen zouden kunnen, al is hier nog geen direct bewijs voor gevonden. Wat we wel weten, is dat SARS-CoV-2 in Wuhan in december 2019 wijd circuleerde. Maar of het virus ook daadwerkelijk voor het eerst op de vismarkt van Huanan toesloeg, kunnen de onderzoekers niet hard maken. “We kwamen tot de conclusie dat de vismarkt van Huanan aan het begin van de pandemie een belangrijke rol speelde,” aldus de onderzoekers. “Maar we zijn het erover eens dat de vroegste gevallen van COVID-19 waarschijnlijk zijn gemist, zoals gebruikelijk bij uitbraken van nieuwe ziekten.” Daarnaast zijn veel boerderijen met levende zoogdieren ondertussen gesloten of geruimd, waardoor enig bewijs van verspreiding van het coronavirus steeds moeilijker te vinden is. Wanneer, waar en hoe het coronavirus dus voor het eerst opdoemde, is nog altijd een groot mysterie.

Opschieten
De onderzoekers stellen in het commentaarstuk dat het echter heel belangrijk is om de ondertussen vastgelopen studie zo snel mogelijk voort te zetten. “Het begrijpen van de oorsprong van de verwoestende pandemie is een wereldwijde prioriteit,” zo schrijven ze. “Het venster om het cruciale onderzoek uit te voeren, sluit echter snel. Elke vertraging zal sommige onderzoeken biologisch onmogelijk maken.” Dat komt omdat antistoffen tegen SARS-CoV-2 afnemen. Daardoor wordt het steeds moeilijker om deze bij mensen die vóór december 2019 met COVID-19 besmet zijn geraakt, aan het licht te brengen. Het betekent dat we maar beter kunnen opschieten. Want anders zullen we misschien nooit te weten komen waar de pandemie begon.

“Het begrijpen van de oorsprong van de verwoestende pandemie is een wereldwijde prioriteit”

Prioriteiten
In het commentaarstuk geven de onderzoekers ook enkele aanbevelingen. Zo zou er beter gezocht moeten worden naar vroege COVID-19-gevallen in alle regio’s binnen en buiten China, die mogelijk betrokken waren bij de vroege verspreiding van het virus. Ook moet er beter onderzocht worden welke tussengastheren mogelijk zijn en welke diersoorten dienst hebben kunnen doen als reservoir. “Onderzoek daarnaast alle geloofwaardige nieuwe aanknopingspunten,” benadrukken de onderzoekers.

Want, de tijd is echt bijna op. “De zoektocht naar de oorsprong van SARS-CoV-2 bevindt zich op een kritiek punt,” schrijven de onderzoekers. “Er is echter bereidheid om stappen te maken, zowel vanuit het internationale team van de WHO als het Chinese team. We roepen de wetenschappelijke gemeenschap en de landleiders op om de krachten te bundelen. We moeten de hier beschreven fase 2-studies versneld uitvoeren nu er nog tijd is.”