hersenactiviteit

Wij weten niet beter dan dat we een computer met aanrakingen of met behulp van een toetsenbord en muis besturen. Maar als het aan wetenschappers ligt, komt daar verandering in en besturen we onze computer straks rechtstreeks met ons brein. Voor het zover is, moeten er echter nog wel wat verbeterslagen gemaakt worden.

Een computer besturen met uw brein: het is niet nieuw. Sterker nog: er zijn al systemen ontwikkeld waarmee het mogelijk is. Ze trokken de aandacht van Danny Plass-Oude Bos, werkzaam aan de Universiteit Twente. “Het is heel futuristisch en ik vond dat razendinteressant.” Zo interessant zelfs dat ze besloot haar promotie-onderzoek eraan te wijden. “Oorspronkelijk wilde ik onderzoeken hoe je breincomputer-interfaces intuïtiever kan maken, want de huidige systemen zijn niet zo intuïtief. Maar terwijl ik daarmee bezig was, stuitte ik op een veel groter probleem. De huidige systemen werken maar heel beperkt. Slechts in zeventig procent van de gevallen herkent de computer wat je wilt doen. En dan wordt het wel heel lastig om het systeem intuïtief te maken.” En dus besloot Plass haar onderzoek om te gooien. “Ik besloot te onderzoeken hoe je het systeem beter kunt laten werken.”

Verbetering
Op het moment is Plass haar promotie-onderzoek aan het afronden. “Ik heb ontdekt dat er hele gemakkelijke manieren zijn om de technologie te verbeteren, maar die manieren worden nog nauwelijks gebruikt.” Ze hoopt dat haar onderzoek daar verandering in gaat brengen. Maar om welke verbeterslagen gaat het dan? “Dat kan ik misschien nog het beste uitleggen aan de hand van een analogie. Neem bijvoorbeeld spraakherkenning. Dat is niet echt spraakherkenning. Het systeem herkent niet wat je zegt, maar gebruikt modellen en context om dat te achterhalen. Als ik zeg “Ik cadeau hier” weet hij het niet en past wat hij hoort automatisch aan, zodat het logischer wordt. Hij maakt er dan bijvoorbeeld: “Ik loop hier” van. Een tablet met touchscreen doet hetzelfde. Met je vingers een scherm aanraken, is eigenlijk een hele slordige manier van invoeren. Maar het systeem is daarop voorbereid. Als je naast een knop drukt, ‘weet’ het dat je die knop een eindje verderop bedoelt.” Het resultaat: het systeem ‘luistert’, ook al was het commando wat slordig. Op dezelfde manier kan ook de brein-computerinterface waarschijnlijk vrij gemakkelijk verbeterd worden. “Het is eigenlijk heel raar dat we die methode wel met spraakherkenning en touchscreen toepassen, maar niet wanneer we een computer met onze hersenen besturen.”

Op de markt

Er zijn reeds headsets op de markt die uw hersenactiviteit, maar ook andere zaken kunnen registreren. Een mooi voorbeeldje zijn de headsets die tijdens meditatietrainingen gebruikt kunnen worden. Deze headset meet hoe ontspannen u bent en stuurt die informatie naar uw mobiele telefoon die vervolgens een app kan starten die u helpt om meer te ontspannen. Ook binnen de marketing worden dergelijke headsets al regelmatig gebruikt om te achterhalen hoe interessant een klant een spel of reclamefilmpje vindt. Uiteindelijk hopen onderzoekers de breincomputer-interfaces in te kunnen zetten om bijvoorbeeld volledig verlamde mensen in staat te stellen om met de buitenwereld te communiceren.

De meerwaarde
Dat verbeterslagen nodig zijn om deze systemen een kans van slagen te geven, moge duidelijk zijn. Maar waarom zouden we zoveel energie, tijd en geld in die systemen steken? Heeft het wel voordelen die boven de voordelen van het ‘ouderwetse’ toetsenbord en touchscreen uitstijgen? Plass denkt van wel. “Het systeem geeft inzicht in jezelf en ik denk wel dat mensen daar behoefte aan hebben. Zo hebben wij mensen tijdens een spelletje de computer met hun hersenen laten besturen. Toen ze begonnen, waren ze een elfje, maar wanneer ze geagiteerd raakten, veranderden ze in een beer. Wanneer ze ontspanden, werden ze weer een elfje. Het maakte ze bewust van zichzelf en hielp ze om bewuster te ontspannen.” Een andere meerwaarde vinden we in de privacy. “Mensen zien niet wat je invoert of doet, zo kun je tijdens een vergadering bijvoorbeeld je telefoon stiekem op stil zetten.” Ook het feit dat het met een brein-computerinterface mogelijk is om een computer handsfree te besturen, kan een voordeel zijn. “Bijvoorbeeld in de auto.”

Multitasken
Dat laatste roept natuurlijk direct vragen op. Want hoe geconcentreerd bent u nog wanneer u in de auto uw telefoon of computer met uw hersenen van instructies voorziet? Om een computer met uw brein te besturen, moet u toch geconcentreerd zijn en gaat dat niet ten koste van andere zaken die uw aandacht vragen? Plass erkent dat het een interessante vraag is. “Het is natuurlijk de vraag in hoeverre we dat kunnen automatiseren.” Ze vergelijkt het met fietsen. Een vaardigheid die bijzonder veel van een jong kind vergt, maar die wij volwassenen zonder er ook maar over na te hoeven denken, kunnen volbrengen. “Mensen kunnen in principe op dezelfde manier een computer leren besturen,” denkt Plass. “De vraag is alleen: als je niet meer nadenkt, geeft dat dan nog wel de hersenactiviteit die we nodig hebben om een computer te instrueren?”

Het zijn interessante vraagstukken die waarschijnlijk pas bestudeerd kunnen worden als de systemen naar behoren en intuïtief werken en mensen langdurig met de brein-computerinterface aan de slag gaan. Maar hoelang zal dat nog gaan duren? “Op dit moment werken de systemen nog niet goed en zien mensen het nut er niet zo van in,” benadrukt Plass. De huidige producten – die reeds op de markt zijn – moeten dus verbeterd worden. Maar daar is geld voor nodig. “Eerst moet het huidige product voldoende opleveren om de verbeteringen te kunnen doorvoeren.” Wanneer dat verbeterde product op de markt komt en werkelijk interessant wordt, weet ook Plass niet. “Dat kan over vijf jaar zijn, maar het kan ook veel langer duren. Neem nu bijvoorbeeld de spraakherkenning: de technologie is er al een tijdje en toch heeft het heel lang geduurd voor het op grote schaal gebruikt wordt. Dankzij SIRI begint het nu pas een beetje op gang te komen. De touch-interface is juist heel snel gegaan. De vraag is dan ook: is de brein-computerinterface de volgende spraakherkenning of de volgende touch-interface?”