Nieuw onderzoek veegt de theorie dat ze de vogels fokten van tafel.

De heilige ibis is een ooievaarachtige vogel die voornamelijk in Sub-Saharisch Afrika, Zuid-Irak en vroeger in Egypte leefde. Op het eerste gezicht is er niet zoveel bijzonders met deze vogel aan de hand. Maar in het oude Egypte zag men dat toch anders. “Voor oude Egyptenaren was de heilige ibis een god, iets om te eren en te aanbidden,” zegt onderzoeker Sally Wasef. Elk jaar werden miljoenen ibissen geofferd aan de god van de wijsheid Thoth. Maar waar werden al die miljoenen ibissen vandaan gehaald?

Miljoenen!?
Dat er jaarlijks miljoenen heilige ibissen werden geofferd klinkt je misschien wat veel in de oren. Het zit zo. Naar schatting werden er jaarlijks in elke oud Egyptische tempel – waar er ongelofelijk veel van waren – 15.000 gemummificeerde vogels aangeboden. Vandaar dat het totale jaarlijkse aantal geofferde ibissen waarschijnlijk gemakkelijk in de miljoenen liep.

Gefokt
Geschiedkundigen hebben in het verleden gesuggereerd dat de heilige ibis op grote schaal werd gefokt. Want hoe anders kwamen de Egyptenaren aan zoveel vogels? Toch lijkt deze theorie niet helemaal sluitend. In verschillende catacomben hebben onderzoekers namelijk ‘nepmummies’ (gemummificeerde veren en nesten) aangetroffen. En als ibissen op grote schaal werden gefokt, dan zouden deze neppers niet nodig zijn geweest. In de nieuwe studie gepubliceerd in het vakblad PLOS ONE komen onderzoekers daarom met een nieuwe theorie. Ze baseren zich op genetisch onderzoek naar gemummificeerde ibissen gevonden in veertien Egyptische catacomben. Daarnaast werden er 26 monsters van hedendaagse ibissen verzameld en analyseerde het team het mitochondriale DNA (DNA dat alleen door de moeder overgedragen kan worden).


Tekening van de Egyptische god Thoth. Afbeelding: Jeff Dahl (via Wikimedia Commons)

Genetische diversiteit
De bevindingen wijzen uit dat de gemummificeerde vogels genetisch gezien veel van elkaar verschillen. En dat is raar als de oude Egyptenaren de ibissen zouden hebben gefokt. “De resultaten suggereren dat het onwaarschijnlijk is dat de heilige ibis op grote schaal werd gefokt,” zegt Wasef. “In dat geval zou de genetische diversiteit veel lager zijn geweest. Dit laat duidelijk zien dat er geen grote fokboerderijen bestonden waar elk jaar miljoenen ibissen werden gehouden.”

Temmen
De vraag is natuurlijk waar de oude Egyptenaren dan de talloze ibissen vandaan haalden. Want een fokboerderij leek de simpelste verklaring. Toch is het de onderzoekers gelukt om een antwoord te vinden. “We denken dat de lokale bevolking jaarlijks wilde ibissen temde en opvoedde om ze vervolgens te mummificeren,” zegt Wasef. “Dus het was in zekere zin ook gunstig voor de gemeenschap en de economie.” Het zou best kunnen dat ibissen op kleinere schaal werden gefokt, maar dat zou slechts een aanvullende methode zijn geweest om aan de aanzienlijke jaarlijkse vraag te kunnen voldoen.

De oude Egyptenaren hingen dus een grote symbolische waarde aan de heilige ibis. Ze werden gemummificeerd, door tempelpriesters in kleikruiken geplaatst en vervolgens geofferd aan de god Thoth die de gedaante van een man had met een hoofd van een ibis. Egyptenaren gingen heel respectvol met de dode dieren om. Ze kregen bijvoorbeeld genoeg proviand mee voor de laatste lange reis die ze nog wachtte: de reis naar het hiernamaals. Zo zijn er ibissen aangetroffen met een snavel vol slakken.