kruipen

Op grote hoogte staan: veel mensen krijgen er de kriebels van. Pasgeboren baby’s zijn echter een stuk stoerder: zij kennen geen hoogtevrees. Dat ontwikkelen ze pas wanneer ze zich zelfstandig gaan bewegen. Dat blijkt uit een nieuw onderzoek.

Wie baby’s van een maand of vijf een duizelingwekkende diepte laat zien, komt al snel tot de conclusie dat die diepte – waar veel volwassenen de kriebels van krijgen – geen enkele indruk maakt op zulke kleine ukkies. Ze vertonen geen spoor van angst, maar kijken geboeid toe. Een paar maanden later is dat echter heel anders. Zo rond een maand of negen maakt diepte de baby’s wel bang en zullen ze die gaan mijden. Lang wisten wetenschappers niet goed hoe die omslag tot stand kwam. Eerdere studies sloten al uit dat het kwam doordat baby’s diepte gaan zien of doordat ze al eens gevallen zijn.

Kruipen
Maar wat zorgt er dan voor dat baby’s met negen maanden gevaarlijke diepten gaan mijden? Onderzoekers beten zich in dat vraagstuk vast en komen nu in het blad Psychological Science met een verklaring. Het heeft alles te maken met het feit dat baby’s rond een maand of negen gaan kruipen. Ze gaan zich dan zelfstandig bewegen en worden zich bewust van hoogte en diepte.

WIST U DAT…

Experimenten
De onderzoekers trekken die conclusie op basis van experimenten. Ze verzamelden een aantal baby’s die nog niet rondkropen. Vervolgens zetten de onderzoekers een aantal van die baby’s in een wagentje dat ze met behulp van een joystick konden besturen. De baby’s zaten een tijdje in het wagentje, waarna ze – net als de controlegroep die niet een wagentje plaatsnam – geconfronteerd werden met een virtuele diepte. De hartslag van de baby’s die in het wagentje hadden gezeten, steeg sterker dan die van de baby’s in de controlegroep. Dat suggereert dat de virtuele diepte de baby’s die zich door de kamer verplaatst hadden, angstig maakte.

Balans
Het onderzoek wijst erop dat we ons bewust worden van hoogte wanneer we ons door een bepaalde ruimte gaan verplaatsen. Volgens de onderzoekers komt dat doordat baby’s die zich gaan voortbewegen meer gaan vertrouwen op visuele informatie uit hun omgeving om hun bewegingen te coördineren. Zo gebruiken ze hun waarnemingen van de omgeving bijvoorbeeld om in balans te blijven. Op een randje van de afgrond gaat een deel van de informatie die ze daarvoor gebruiken, verloren. En daardoor worden de baby’s angstiger en voorzichtiger. “Deze nieuwe resultaten suggereren dat baby’s heel specifieke ervaringen moeten meemaken om een volgende stap in hun ontwikkeling door te maken,” concluderen de onderzoekers.

Veel mensen zijn hun hoogtevrees liever kwijt dan rijk. Maar hoogtevrees heeft een functie. Het leert ons om gevaarlijke diepten te vermijden en is in die zin een belangrijk gereedschap om te kunnen overleven. Wellicht vraagt u zich dan ook af waarom hoogtevrees niet aangeboren is. Zou het niet veel handiger zijn als baby’s al vanaf hun geboorte hoogtevrees zouden hebben? De onderzoekers denken van niet. Het gebrek aan hoogtevrees moedigt baby’s aan om hun omgeving te verkennen en dat is weer belangrijk voor hun ontwikkeling.