Walvissen zijn er in veel soorten en maten, zoals de dertig meter lange blauwe vinvis en de vijf meter lange narwal. Lange tijd wisten wetenschappers niet hoe walvissen van hun oorspronkelijke voorouder vertakten. Nu wel, namelijk razendsnel!

Volgens het onderzoeksteam ontwikkelden en evolueerden de dieren in minder dan vijf miljoen jaar na de afscheiding van de gemeenschappelijke voorouder. Dat in zo’n korte tijd een grote variatie aan dieren ontstond, is opmerkelijk te noemen.

Ongeveer 35 miljoen jaar geleden zwommen de eerste moderne walvissen in de oceaan. Vijf miljoen jaar later kwamen de dieren in allerlei verschillende ‘smaken’ voor. “Ze zijn in een oogwenk ontstaan”, zegt de Amerikaanse wetenschapper Graham Slater.

De vondst ondersteunt de zogenaamde ‘explosieve radiatie’-hypothese. De moderne walvisachtigen kregen nieuwe eigenschappen en kenmerken, zoals sonar, grote hersenen en complexe socialiteit. De dieren kregen volgens de hypothese een paar miljoen jaar de tijd om de nieuwe eigenschappen te verkennen en vervolgens te evolueren. Na een paar miljoen jaar stopte de evolutie.

Ooit leefden er vele honderden walvisachtigen in de zee, waarvan sommigen gedeeltelijk op het land voorkwamen. Daar zijn 84 soorten van overgebleven. De grote walvissen eten voornamelijk plankton, de middelgrote walvissen eten inktvissen, de kleine exemplaren eten vis.