pijn

Wanneer iets minder pijn doet dan verwacht is het mogelijk dat het zelfs prettig voelt. Dat suggereert nieuw onderzoek. De onderzoeksresultaten kunnen in de toekomst wel eens leiden tot nieuwe behandelingen van pijn en alcohol- en drugsmisbruik.

Het is koud en spekglad. Toch besluit u wel even op de fiets de deur uit te gaan. U neemt een bocht, glijdt uit en belandt na wat wiebelen op de grond. Au! Dat doet pijn, maar u stapt met een tevreden gevoel weer op de fiets. Waarom?

Verrassing
Wanneer u wordt verrast door pijn, vindt u het waarschijnlijk heel pijnlijk. Wanneer u van te voren weet dat iets pijn gaat doen, maar de pijn meevalt, kan het een opluchting zijn. “Het is niet moeilijk om te begrijpen dat pijn als minder erg geïnterpreteerd kan worden als iemand weet dat het veel pijnlijker had kunnen zijn. Verrassender is echter de ontdekking dat pijn als prettig ervaren kan worden wanneer iets ergere pijn is vermeden,” vertelt Siri Leknes, onderzoeker van de Department of Psychology aan de University of Oslo.

Pijnlijke experimentjes
Tijdens haar onderzoekswerk aan Oxford University werd Leknes nieuwsgierig naar het ‘het had erger kunnen zijn’-fenomeen. Hoe kan opluchting van invloed zijn op het ervaren van pijn? Om deze vraag te beantwoorden, verzamelde zij zestien deelnemers die zich hadden voorbereid op een pijnlijke ervaring. Hun arm werd vier seconden lang telkens aan verschillende niveaus van hitte blootgesteld. Het experiment voerde de onderzoekster op twee verschillende manieren uit: bij de één was de hitte of niet pijnlijk of licht pijnlijk – ongeveer gelijk aan een iets te warme kop koffie vasthouden. Bij het tweede experiment was de hitte of licht pijnlijk of erg pijnlijk. De deelnemers rapporteerden hoe zij de pijn ervoeren. Op het moment van de blootstelling aan hitte, mat een MRI-scan de activiteit in de hersenen.

Onderarm. Foto: Juicyrai

Onderarm. Foto: Juicyrai

Geruststelling
“Zoals verwacht veroorzaakte de intense hitte bij iedereen negatieve gevoelens terwijl de niet-pijnlijke hitte positieve reacties veroorzaakte,” zegt Leknes. Wat de onderzoekers boeide, was de reactie op de lichte pijn. Tijdens de experimenten waarin de lichte pijn het ergste alternatief was, gaven de proefpersonen aan deze pijn als zeer onplezierig te ervaren. In experimenten waarin de lichte pijn het beste alternatief was, ervoeren de proefpersonen deze als positief en zelfs als geruststellend. “De aannemelijke verklaring is dat de deelnemers op het ergst waren voorbereid en zich daarom opgelucht voelden wanneer ze zich realiseerden dat de pijn niet zo erg was als ze vreesden,” stelt Leknes. “Met andere woorden: gevoel van opluchting kan sterk genoeg zijn om een duidelijk negatieve ervaring zoals pijn te veranderen in een sensatie die geruststelt of zelfs aangenaam is.”

In het brein
Bij het bestuderen van de MRI zagen ze dat het brein de lichte pijn verwerkt op basis van de context en wat het alternatief was. Wanneer de pijn geruststellend was, was er meer activiteit in de gebieden waar plezier en verlichting van pijn ‘zit’ en minder in de ‘pijngebieden’.

Behandeling van pijn
Siri Leknes vindt dat het onderzoek duidelijk maakt hoe verschillend eenzelfde stimuli ervaren kan worden door personen met verschillende verwachtingen en contexten. Zo vindt de een het heerlijk om pittig te eten en houdt de ander van SM. Ook het bedenken dat er een erger alternatief bestaat dan wat er daadwerkelijk ervaren wordt, kan iemand helpen onvrijwillige pijn als aangenaam te ervaren. Hoe dan ook, Leknes doelt erop dat pijn normaalgesproken een onplezierige ervaring is en pijnbehandelingen van nu niet bij iedereen baat hebben. “Daarom is het zo belangrijk uit te zoeken hoe en welk niveau van pijn het brein op zichzelf aankan. We hopen dat deze kennis leidt tot de ontwikkeling van betere methoden voor pijnbehandeling,” zegt ze.

Moet een dokter zijn patiënt dan altijd maar vertellen dat de behandeling erg pijnlijk zal zijn? Leknes denkt van niet. “In sommige situaties kan dit een goede manier zijn, maar niet altijd. Dokters merken dat hun patiënten heel anders reageren op de informatie die zij krijgen; sommige patiënten ervaren waarschijnlijk wel een gevoel van opluchting terwijl anderen van te voren eigenlijk zo min mogelijk willen weten om er maar niet over te hoeven piekeren.”

Leknes’ onderzoek werd deels gefinancierd voor het Programme on Alcohol and Drug Research van het Research Council of Norway. “Opluchting is vermoedelijk ook een belangrijke factor in de verslavingszorg,” beweert Leknes. “Op den duur verandert het effect van alcohol en drugs van een prettig gevoel in verlichting van de ongemakken van de verslaving. De regulerende processen van de hersenen veranderen waardoor verslaafden een verschuiving ervaren; op een bepaald moment gebruiken ze om een neutrale staat te bereiken en te vermijden dat zij zich beroerd voelen,” legt Leknes uit. “Bij het bestuderen van opluchting en hoe dit proces werkt, kunnen we tot nieuwe ideeën komen voor een meer effectieve behandeling van de afhankelijkheid van middelen. Vanuit ons onderzoek naar pijn weten we dat het opluchtingmechanisme in het brein van patiënten met chronische pijn, verstoord wordt.” Volgens de onderzoekster kan dit eveneens zo zijn bij patiënten die lijden onder hun alcohol- en drugsverslaving.