De vermeende resten van de farao lijken te getuigen van reuzengroei.

Dat schrijft een internationaal team van onderzoekers – waaronder ook de Nederlandse Wouter de Herder, verbonden aan het Erasmus MC – in het blad The Lancet Diabetes & Endocrinology.

Sanacht
De wetenschappers bestudeerden de resten van een man die ten tijde van de derde Egyptische dynastie leefde. Aangenomen wordt dat het gaat om de resten van farao Sanacht, die kortstondig over het Egyptische rijk regeerde. Zeker is dat echter niet, vandaar dat de onderzoekers in hun paper voortdurend spreken van ‘de vermeende Sanacht’.

Het onderzoek
De onderzoekers bestudeerden de omvang van de schedel en de omvang van de lange botten in het lichaam van de vermeende farao. Vervolgens vergeleken ze de omvang hiervan met die van de gemiddelde ‘gewone’ en koninklijke man. “Hoewel de koningen langer waren dan de gewone mannen, was de vermeende Sanacht veel langer dan andere koningen,” zo schrijven de onderzoekers. “De vermeende Sanacht had waarschijnlijk gigantisme.” Hierbij maakt de hypofyse te veel groeihormoon aan waardoor overmatige groei ontstaat.

Het oudste geval van reuzengroei
Het zijn interessante bevindingen. De oudste mens met reuzengroei die ons tot voor kort bekend was, leefde zo’n 2425 jaar voor Christus. De resten waar dit nieuwe onderzoek om draait, zijn echter net iets ouder en stammen uit 2700 voor Christus. Het betekent dat dit het oudste geval van reuzengroei is waarmee we tot op heden bekend zijn.

Het onderzoek kan tevens meer inzicht geven in hoe de oude Egyptenaren tegen reuzengroei aankeken. “Het feit dat hij (de vermeende Sanacht, red.) eervol begraven werd in een elitaire mastaba-tombe suggereert dat reuzengroei in die tijd niet geassocieerd werd met sociale marginalisatie. Hoewel korte mensen de voorkeur hadden in het oude Egypte, met name in de eerste dynastieën, zijn er geen bewijzen dat heel lange mensen voorkeursbehandelingen kregen of juist in het nadeel waren.”