De mens is anno 2012 nog net zo gehoorzaam aan een autoriteit als vijftig jaar geleden. Ook als dat schadelijk is voor anderen.

Drie van de vier proefpersonen in het gehoorzaamheidsonderzoek van Paul van Lange van de Vrije Universiteit in Amsterdam heeft gehoorzaamd. De personen werd gevraagd om hun vrienden uit te nodigen om mee te doen aan de herhaling van een immoreel en ‘vreselijk’ onderzoek. Dit onderzoek werd in werkelijkheid niet uitgevoerd. Vijftig jaar eerder werd een vergelijkbaar onderzoek gedaan, namelijk dat van Stanley Milgram aan de Yale University. Hierbij moesten proefpersonen in opdracht van een onderzoeker schokken toedienen. De proefpersonen bleken zo gehoorzaam te zijn dat ze al hun eigen grenzen overtraden en bereid waren om anderen schokken van wel 450 volt toe te dienen.

Onderzoek
Dit wereldberoemde onderzoek is nu herhaald. De opzet was wel ietsje anders. De wetenschappers vertelden de proefpersonen dat ze hun vrienden moesten vragen aan een immoreel onderzoek deel te nemen. Ook kregen de proefpersonen te horen hoe het onderzoek zou verlopen. Hun vrienden zouden alleen in een ruimte worden geplaatst waarin zij niets konden horen of zien. De ervaringen zouden vreselijk zijn, zo vertelde de onderzoeker. Er zouden paniekreacties kunnen ontstaan, mensen zouden visueel en auditief gaan hallucineren en de vrienden mochten de ruimte ook niet eerder verlaten dan de onderzoekers wilden. De proefpersonen die hun vrienden moesten overhalen om aan dit onderzoek deel te nemen, werd opgedragen dat ze hun vrienden geen negatieve informatie mochten geven. Hun positieve beoordeling zou tevens belangrijk zijn om toestemming te krijgen van de ethische commissie. Zij hadden uiteindelijk drie opties: een positieve boodschap te schrijven (liegen), een negatieve boodschap versturen of te klokkenluiden door anoniem een formulier in te vullen waarin dit onethische onderzoek bekend zou worden gemaakt bij de ethische commissie.

Resultaten
De resultaten waren verrassend: drie van de vier proefpersonen schreef een positieve boodschap aan hun vrienden. De rest gehoorzaamde niet en minder dan tien procent besloot te klokkenluiden. Voorafgaand aan het onderzoek werd studenten gevraagd wat zij zouden doen in de situatie. Minder dan vier procent dacht te zullen gehoorzamen en 65% zou klokkenluiden. Ook werd hen gevraagd wat hun medestudenten zouden doen. Zij dachten dat 19% zou gehoorzamen, 44% dit niet zou doen en 37% zou klokkenluiden. “Er lijkt een groot verschil te zijn tussen wat men doet en wat men zegt te gaan doen, of wat men van de ander verwacht,” vertelt Van Lange.

Hoewel het onderzoek in grote lijnen op het Milgram-experiment lijkt, zijn er ook verschillen. “Bij Milgram waren de proefpersonen sterker gevangen in de situatie met een autoriteit, ze konden niet zo maar weglopen en raakten in een fuik waarbij ze steeds hogere schokken toedienden. In ons experiment waren zij anoniem: ze namen de beslissing zonder dat de proefleider er bij was. Ook was er tijd om na te denken en het werd duidelijk gemaakt hoe ‘afkeurenswaardig’ dit voorgenomen experiment was.” De onderzoekers concluderen aan de hand van de resultaten dat mensen gehoorzamen aan de autoriteit die het meest nabij is. En niet het instituut (de ethische commissie) dat de keuze geeft om te klokkenluiden. Bij ethische kwesties is de psychologische nabijheid van een autoriteit dus essentieel.