En dat zal door de meesten van ons worden gevoeld, aangezien meer dan de helft van de wereldbevolking in steden woont.

We weten dat de temperatuur in steden meestal een stukje hoger ligt dan op het platteland. Dat komt omdat bebouwde oppervlakken van beton en asfalt warmte absorberen en afkoeling belemmeren. Ondertussen zet ook klimaatverandering onverminderd door. En dat betekent dat niet alleen de temperatuur op aarde tegen het einde van de eeuw flink is gestegen; in steden zal het nóg warmer worden.

Klimaatakkoord
Een paar jaar geleden zetten regeringsleiders uit alle hoeken van de wereld hun handtekening onder het klimaatakkoord van Parijs. In dat akkoord beloofden de regeringsleiders alles in het werk te stellen om de opwarming van de aarde te beperken. Heel concreet spraken de regeringsleiders af dat de aarde tegen het jaar 2100 niet meer dan 2 graden Celsius warmer mag zijn dan in pre-industriële tijden. De ondertekenaars gingen zelfs nog een stap verder en gaven aan ernaar te streven de opwarming van de aarde tegen het jaar 2100 te beperken tot 1,5 graad Celsius.


Meer dan 3 graden
Die doelen zijn echter nog ver van ons bed. Dat komt omdat landen tot op heden nog te weinig actie hebben ondernomen om spijkers met koppen te slaan. En dat heeft verstrekkende gevolgen. Zo stelden onderzoekers bijvoorbeeld al eerder dat de aarde momenteel afstevent op een opwarming van meer dan 3 graden Celsius in het jaar 2100.

Steden
Die flinke opwarming van de aarde heeft vervolgens ook weer gevolgen voor de temperatuur in steden. Want zoals gezegd is het in de stad sowieso al wat warmer. Onderzoekers besloten een statistisch model te bouwen dat de temperatuurstijging in steden goed weergeeft. Dit deden ze door verschillende klimaatscenario’s – met gemiddelde en hoge emissies – te bestuderen en deze te vertalen naar de stad: wat betekenen deze verschillende klimaatmodellen voor de temperatuur in stedelijke omgevingen tegen het jaar 2100?

Klimaatmodellen
Het International Panel on Climate Change (kortweg IPCC) komt regelmatig met klimaatrapporten waarin het de toekomst van ons klimaat en onze planeet schetst. In deze rapporten schetsen ze meerdere klimaatscenario’s. Sommige van die scenario’s zijn zeer optimistisch en gaan ervan uit dat we wereldwijd een zeer ambitieus klimaatbeleid omarmen en zo de CO2-uitstoot op korte termijn terug weten te dringen en de stijging van de CO2-concentratie in de atmosfeer en dus de opwarming van de aarde weten te beperken. Andere scenario’s zijn wat somberder en gaan uit van een situatie waarin er niet of nauwelijks actie wordt ondernomen om de uitstoot terug te dringen en waarbij de aarde verder blijft opwarmen, met alle gevolgen van dien.

De bevindingen zijn verontrustend. Want de onderzoekers komen tot de zorgelijke ontdekking dat – als we niet of nauwelijks actie ondernemen om klimaatverandering terug te dringen – de temperatuur in wereldsteden tegen het einde van de eeuw weleens met een forse 4,4 graden Celsius gestegen kan zijn. “Een opwarming van 4 graden Celsius ligt ruim boven de limieten van het Parijse Klimaatakkoord,” zegt Lei Zhao in een interview met Scientias.nl. In een optimistischer geval – met een gemiddelde CO2-uitstoot – zullen steden tegen 2100 met 1,9 graden Celsius opwarmen. “En ook dat ligt nog altijd boven de doelstelling van een opwarming van maximaal 1,5 graden Celsius zoals bepaald in het klimaatakkoord,” aldus Zhao. Toch is de kans klein dat een temperatuurstijging van ‘slechts’ 1,9 graden Celsius tot de mogelijkheden behoort. “Op dit moment liggen we meer op koers van het RCP 8.5-scenario (het scenario dat voorspelt wat er komen gaat als we eigenlijk niets doen om de opwarming van de aarde tegen te gaan, red.). Daarom zijn er echt veel gecoördineerde, goed geplande, samenwerkende internationale inspanningen nodig om het klimaat naar een meer gematigd pad te leiden.”


Alarmerend
Het betekent dus dat de temperatuur in steden tegen het einde van deze eeuw sowieso fors zal stijgen. En dat is alarmerend. Meer dan de helft van de wereldbevolking woont namelijk in steden. En dat betekent dat de voorspelde temperatuurstijging door de meesten van ons zal worden gevoeld. “Steden zijn de hotspots van de bevolking, infrastructuur en activa,” zegt Zhao. “Een aanzienlijke opwarming van steden zal dan ook veel gevolgen hebben voor het stadsleven. Hittestress kan bijvoorbeeld leiden tot een substantiële toename van ziekte en sterfte. Maar denk ook aan een toenemende vraag naar energie (om bijvoorbeeld airconditioners in ruimtes te laten werken) en een grote vermindering van de productiviteit op de werkplek.”

““Het is onwaarschijnlijk dat het terugdringen van onze emissies de gevaarlijke gevolgen voor veel stedelijke gebieden kan voorkomen”

Voorbereiding
Het betekent dat steden er goed aan zullen doen om alvast voorzorgsmaatregelen te nemen. Want de kans dat we de dans nog kunnen ontspringen, is eigenlijk nihil. “Het is onwaarschijnlijk dat het terugdringen van onze emissies – hoe strikt ook – de gevaarlijke gevolgen voor veel stedelijke gebieden kan voorkomen,” betoogt Zhao. “Daarom zouden actieve, stedelijke adaptatiestrategieën op de agenda moeten worden gezet.”

Maatregelen
Waar we dan aan moeten denken? “Onderzoekers en ingenieurs uit verschillende vakgebieden hebben al een aantal strategieën voorgesteld,” zegt Zhao desgevraagd. “Enkele, vaak voorgestelde ideeën zijn onder andere het plaatsen van meer witte (reflecterende) daken of bestrating, groene daken, straatbomen, zonnepanelen en slimme gebouwen. Maar er bestaat eigenlijk geen eenduidige oplossing. Een maatregel die in de ene stad geweldig werkt, hoeft niet per se voor een andere stad hetzelfde te doen. Het vergroenen van steden zal bijvoorbeeld wat minder vruchten afwerpen in hele droge gebieden, waar water schaars is. Daarom moeten we kijken naar lokale, stadsspecifieke eigenschappen om te bepalen welke maatregelen een bepaalde stad zou moeten nemen.”

De onderzoekers hopen dat de bevindingen uit deze studie planners, besluitvormers en de bevoegde regelgevende instanties kan helpen om meer inzicht te krijgen in de nijpende situatie. “We proberen beleidsmakers een globaal beeld te bieden van noodzakelijke doelstellingen in het aanpassingsbeleid van steden,” zegt Zhao. De hoop is dan ook dat we de komende eeuw het nodige werk kunnen verzetten om steden beter voor te bereiden op de toekomstige opwarming, zodat het tegen die tijd niet als een volstrekte verrassing komt.