Met de nieuwe zaadmonsters – onder meer afkomstig uit Nederland – liggen nu meer dan 930.000 zaadmonsters opgeslagen op Spitsbergen.

De zaadmonsters werden gisteren bij de Wereldzaadbank afgeleverd en zijn onder meer afkomstig uit India, Pakistan, Marokko, Libanon, Bosnië en Herzegovina, Wit-Rusland, het Verenigd Koninkrijk en Nederland. De zaden worden in een speciale kluis, diep onder het ijs van Spitsbergen opgeslagen.

Enorme collectie
Het gaat onder meer om zaden van planten die een belangrijke bron van voedsel zijn of leveren. Denk aan aardappelen, rijst, kikkererwten en tarwe. Met de bezorging van bijna 50.000 nieuwe zaadmonsters is de collectie van de Wereldzaadbank flink uitgebreid. Er liggen nu 930.821 zaadmonsters opgeslagen. Daarmee is de kluis overigens nog lang niet vol: er is ruimte voor tot wel 4,5 miljoen zaadmonsters.

Meer weten?

Meer weten over de Wereldzaadbank op Spitsbergen? Lees er alles over in dit artikel dat we eerder over de bijzondere kluis schreven.

Het doel
Het lijkt misschien een beetje gek om zaden in een kluis op Spitsbergen op te slaan. Toch hebben onderzoekers daar een goede reden voor. Wereldwijd zijn er meer dan 1700 zaadbanken te vinden die genetisch materiaal van tal van planten en bomen in de vorm van zaadmonsters herbergen. Met name kwekers en onderzoekers doen veelvuldig een beroep op deze zaadbanken. Bovendien is het een geruststellende gedachten dat de zaden van planten die belangrijk zijn voor de voedselproductie veilig liggen opgeslagen in zaadbanken waar we in geval van nood – bijvoorbeeld een natuurramp die een plantensoort fataal wordt – een beroep op kunnen doen. Maar er is één probleem: veel van deze nationale zaadbanken zijn kwetsbaar, bijvoorbeeld omdat ze zich in een oorlogsgebied bevinden of het risico lopen om ten prooi te vallen aan natuurrampen. Of gewoon omdat de vriezer waarin de zaadmonsters liggen opgeslagen, de geest kan geven. Om te voorkomen dat tijdens dergelijke gebeurtenissen complete zaadcollecties voorgoed verloren gaan, worden dezelfde zaden ook in Spitsbergen opgeslagen. In het gebied is de kans op een natuurramp bijzonder klein, ook is het gebied politiek stabiel en ligt de kluis onder een dikke laag permafrost, dus zelfs als een vriezer het begeeft, is er geen vuiltje aan de lucht.

Geen overbodige luxe
Dat de Wereldzaadbank geen overbodige luxe is, bleek in 2015. Toen werden er voor het eerst zaden uit de kluis gehaald. En wel door onderzoekers van het International Center for Agricultural Research in the Dry Areas. De onderzoekers bezaten een collectie zaden in Aleppo, maar hadden die achter moeten laten vanwege de Syrische burgeroorlog. Om elders een nieuwe collectie op te kunnen bouwen, hadden ze zaden uit de kluis nodig. Ook een deel van die uit de kluis gehaalde zaden is gisteren weer teruggebracht naar Spitsbergen.

De onderzoeksinstituten die nu zaadmonsters bij de Wereldzaadbank hebben afgegeven – in het geval van Nederland is dat het Centrum voor Genetische Bronnen uit Wageningen – blijven eigendom van de afgeleverde zaden. Het betekent dat ook alleen zij hun afgeleverde zaden weer op kunnen vragen.