ijs

Wie bij dertig graden Celsius wel eens een ijsje gegeten heeft, weet er alles van: ijs smelt. Maar daar gaat verandering in komen.

Wetenschappers hebben namelijk een in de natuur voorkomend eiwit ontdekt dat gebruikt kan worden om ijs te maken dat niet zo snel smelt. Het eiwit – BsIA genaamd – bindt lucht, vet en water in ijs samen, waardoor het ijs minder snel smelt.

Dit ijs smelt niet alleen minder snel, maar is mogelijk ook minder dikmakend. Door het eiwit aan ijs toe te voegen, hoeven er minder verzadigde vetten te worden toegevoegd, waardoor het ijs ook minder calorieën telt. Bovendien voorkomt het eiwit dat in het ijs van die korrelige ijskristallen ontstaan.

Het eiwit – dat van nature in sommige voedingswaren voorkomt – kan geproduceerd worden door bacteriën. De onderzoekers hebben goede hoop dat ijs met daarin dit eiwit binnen drie tot vijf jaar op de markt kan worden gebracht. “We zijn enthousiast over de potentie die dit ingrediënt heeft als het gaat om het verbeteren van ijs,” vertelt onderzoeker Cait MacPhee.