muis

Onderzoekers zijn erin geslaagd om een onjuiste herinnering in het brein van muizen te stoppen. Ze knoeiden met het geheugen van de dieren, waardoor deze zich iets ‘herinnerden’ wat helemaal niet was gebeurd.

Wanneer ons brein een herinnering aanmaakt, worden specifieke hersencellen geactiveerd. Wanneer we de herinnering later ophalen, worden deze hersencellen opnieuw geactiveerd. U kunt deze hersencellen vergelijken met lego-blokjes die samen een gebouw (de herinnering) vormen. Wanneer we een herinnering ophalen, voegt ons brein al die legoblokjes samen. Maar het ophalen van zo’n herinnering zorgt er op zichzelf al voor dat die herinnering iets wordt aangepast. En dan zijn er ook nog externe factoren die onze herinnering beïnvloeden. Geen wonder dat onze herinneringen soms simpelweg niet kloppen. En dat heeft soms verstrekkende gevolgen. Denk bijvoorbeeld aan ooggetuigen die tijdens een line-up de verkeerde persoon als dader aanwijzen.

Experiment
Wetenschappers wilden nu wel eens weten hoe zulke onjuiste herinneringen ontstaan. Ze verzamelden een aantal muizen en pasten de dieren zo aan dat de hersencellen die actief worden tijdens het aanmaken en ophalen van een herinnering reageerden op licht. Wanneer de onderzoekers de hersencellen blootstelden aan licht, werden deze actief.

WIST U DAT…

Kooi A en B
Vervolgens lieten de onderzoekers de muizen kennismaken met een veilige omgeving (kooi A). Terwijl de muizen in de kooi zaten, stelden de onderzoekers hun hersencellen die actief moeten worden om een herinnering aan te maken, bloot aan licht. De dieren maakten daarop een herinnering omtrent kooi A aan. Vervolgens zetten de onderzoekers de dieren in kooi B en activeerden de hersencellen die een herinnering omtrent kooi A hadden aangemaakt, opnieuw. Daarna kregen de dieren – die nog steeds in kooi B zaten – kleine stroomschokjes toegediend. Omdat de onderzoekers ondertussen het geheugen van kooi A opnieuw activeerden, gingen de dieren die nare stroomschokjes – hoewel ze deze in kooi B kregen – associëren met kooi A. Dat bleek wel toen de onderzoekers de muizen uit kooi B haalden en in de veilig kooi A – waarin de dieren nooit stroomschokken hadden gehad – zetten. De dieren werden heel angstig.

Kooi C
De onderzoekers gingen daarop nog een stap verder en zetten de dieren in weer een heel andere omgeving: kooi C. Terwijl de dieren in die kooi zaten, activeerden de onderzoekers met behulp van licht de herinneringen aan de stroomschokken. Ze bleken de angstgevoelens zo op elk moment – zelfs in een omgeving waarin de dieren nog nooit iets was aangedaan – op te kunnen roepen.

In kooi A maakt de muis een herinnering aan kooi A aan. In kooi B wordt die herinnering weer opgeroepen, terwijl de muis stroomschokken krijgt. Hierdoor gaat de muis kooi A met stroomschokken associëren. Wanneer de muizen in kooi C worden geplaatst, kunnen die onterecht nare herinneringen aan kooi A met behulp van licht elk moment worden opgeroepen. Afbeelding: Collective Next.

In kooi A maakt de muis een herinnering aan kooi A aan. In kooi B wordt die herinnering weer opgeroepen, terwijl de muis stroomschokken krijgt. Hierdoor gaat de muis kooi A met stroomschokken associëren. Wanneer de muizen in kooi C worden geplaatst, kunnen die onterecht nare herinneringen aan kooi A met behulp van licht elk moment worden opgeroepen. Afbeelding: Collective Next.

Fantasierijk
“Mensen zijn heel fantasierijke dieren. Net als onze muizen kunnen zij een nare of prettige gebeurtenis gaan associëren met een gebeurtenis uit het verleden die men op dat moment in gedachten heeft en zo ontstaat een onjuiste herinnering,” legt onderzoeker Susumu Tonegawa uit. “Opvallend genoeg activeerde het ophalen van deze onjuiste herinnering dezelfde angstcentra in het brein als een echte herinnering,” voegt onderzoeker Xu Liu toe. Het ophalen van de onjuiste herinnering leidde dus tot echte gevoelens van angst, waardoor deze onjuiste herinnering niet meer te onderscheiden was van een echte herinnering. “Voor het dier voelde de onjuiste herinnering als een echte herinnering.”

Het onderzoek bewijst maar weer eens dat onze herinneringen geen kopie zijn van wat er werkelijk is gebeurd. Het is eerder een reconstructie van hoe wij de dingen op een moment in het verleden ervoeren. En dat is iets waar bijvoorbeeld tijdens een line-up rekening mee moet worden gehouden.