Ze maken meer amfireguline aan. Aha!

Wetenschappers weten al een tijdje dat de griep vrouwen doorgaans steviger in zijn greep heeft en houdt dan mannen. Zo is de griep bij vrouwen vaak heftiger dan bij mannen en duurt het ook veel langer voor vrouwen hersteld zijn. Lang werd gedacht dat dat te verklaren was doordat de longen van vrouwen tijdens een griepje veel sterker geïnfecteerd raken dan die van mannen. Maar nieuw onderzoek onthult nu een ander mechanisme dat ervoor zorgt dat vrouwen wat langer zoet zijn met een griepje. “De nieuwe ontdekking is dat het weefsel van vrouwen tijdens hun herstel ook trager gerepareerd wordt en dat komt door een relatief lage productie van amfireguline,” stelt onderzoeker Sabra Klein. Het eiwit is van belang voor het herstel van de longen en mannen maken er veel meer van aan. Hierdoor knappen zij na een griepje sneller op, zo schrijven de onderzoekers in het blad Biology of Sex Differences.

Muizen
De onderzoekers trekken hun conclusies op basis van experimenten met muizen. Ze infecteerden de muizen met een niet-dodelijke dosis H1N1 (bekend van de Mexicaanse griepepidemie in 2009/2010). Hoewel de mannetjes en vrouwtjes evenveel van dit virus toegediend kregen en ook ongeveer net zoveel tijd nodig hadden om het uit hun lichaam te werken, bleken de vrouwtjes veel sterker te lijden onder hun infecties. Ze verloren meer gewicht en hun longen waren veel sterker geïnfecteerd. Ook duurde het langer voor hun longfunctie weer helemaal hersteld was. De onderzoekers kregen al gauw het vermoeden dat amfireguline er iets mee te maken had. Om daar zeker van te zijn, pasten ze een aantal mannetjesmuizen genetisch zo aan dat zij dit eiwit niet konden produceren. Vervolgens infecteerden ze die mannetjes ook met het H1N1-virus. En jawel, deze mannetjes bleken net als vrouwtjes ernstigere infecties te ontwikkelen en veel trager te herstellen dan mannetjes die het eiwit wel aanmaakten. Het wijst erop dat dit eiwit het verschil maakt.

In vitro
Experimenten met cellen van mensen onderschrijven dat. De onderzoekers infecteerden epitheelcellen uit de longen van mensen in het lab met een griepvirus. Daarop bleken de epitheelcellen alleen wanneer ze afkomstig waren van mannen, de productie van amfireguline op te krikken.

Oorsprong
Waarom vrouwen in reactie op infecties niet net zoals mannen meer amfireguline aanmaken, is onduidelijk. Mogelijk is het te verklaren doordat mannen van oudsher – tijdens gevechten om territorium, partners en grondstoffen – een grotere kans op verwondingen en infecties hebben dan vrouwen. In dat scenario zouden mannen veel sterker dan vrouwen voordeel hebben gehad bij het opkrikken van de amfireguline-productie. En daarom zou deze eigenschap zich wel onder mannen en niet onder vrouwen hebben verspreid.

Maar onderzoekers zijn niet voornemens zich bij de kwestie neer te leggen. Zo wordt er momenteel gekeken of het mogelijk is om de amfireguline-productie bij vrouwen kunstmatig op te krikken. Daartoe zal eerst uitgezocht moeten worden wat er precies voor zorgt dat mannen meer van dit eiwit aanmaken tijdens infecties. In eerste instantie dachten onderzoekers dat testosteron de drijvende kracht achter de productie van amfireguline was. Maar experimenten wijzen uit dat dat niet het geval is. Wel bleek testosteron mannen – onafhankelijk van amfireguline – te beschermen; mannelijke muizen waren er tijdens een griepinfectie veel slechter aan toe wanneer ze geen testosteron tot hun beschikking hadden. Ook dat beschermende mechanisme van man-zijn wordt momenteel verder uitgediept.