Niet alleen single mensen hebben het soms zwaar. Ook de orang-oetan in de Europese dierentuin worstelt met het daten. Maar een Nederlandse bioloog en psycholoog weten raad.

Een akelig stemmetje of een nare zweetgeur. Wij mensen weten er inmiddels alles van: op die mooie foto’s kun je ook niet blind varen. Voor de orang-oetan is het niet anders. De orang-oetanman is nog wel te verleiden, maar de vrouwtjes zijn een stuk kieskeuriger. En dat is niet verbazingwekkend, volgens gedragsbioloog Tom Roth: “We zien dit vaker bij andere zoogdieren, ook bij ons mensen. De theorie is, dat vrouwen meer investeren in het nageslacht. Ze hebben de draagtijd van het kind en investeren ook in de zorg. Dat maakt dat vrouwen goed afwegen met welke man zij kinderen krijgen.”

Meer orang-oetanbaby’s
Begrijpelijk dus, maar niet wenselijk. De Europese dierentuinen zien graag meer orang-oetanbaby’s. Dat die op zich laten wachten als de dames dralen bij willekeurige knappe mannen die bij hen wordt geplaatst, is dus niet handig. Maar er is nog een reden dat we graag succesvolle matches zien bij de apen. “In de dierentuin zeker, maar ook daarbuiten tegenwoordig, hebben deze mensapen al niet veel zeggenschap over hun leven. Door vrouwtjes de keuze te geven en ze een betere match aan te bieden, worden ze ook een stuk gelukkiger en dragen we bij aan een beter bestaan,” aldus hoogleraar psychologie aan de Universiteit Leiden Mariska Kret.


Een gelukkige, zwangere aap is echter sneller gewenst dan gedaan, zo ondervond men ook in de Apenheul. Daar kwam de vraag voor het eerst aan Kret om eens te kijken naar hoe apen beter aan elkaar gekoppeld kunnen worden. Nu gebeurt dit aan de hand van een databank waarin gegevens van de apen zijn opgenomen, zoals genetische kenmerken, plek in de groep en medische gegevens. Zodra een aap op de leeftijd komt dat hij of zij beter naar een andere dierentuin kan verhuizen, wordt de databank geraadpleegd en komen er een aantal gegadigden uit. In de praktijk blijkt echter dat orang-oetanvrouwtjes het niet altijd eens zijn met de keuze en de aangeboden man niet zien zitten.

Apenvriendschappen
Voor Roth is dat geen nieuws. “We weten dat zoogdieren ook hun individuele voorkeuren hebben als ze relaties aangaan. Je kunt spreken van vriendschappen, sommige biologen houden het op affiliatieve betrekkingen. Hoe dan ook: ze hebben wat te kiezen en maken die keuzes ook. Maar waar letten ze dan op? Uiterlijk? Geur? Geluid? We proberen met ons onderzoek te achterhalen, wat zij belangrijk vinden en hoe we dat kunnen toetsen.”

“Een aap kun je moeilijk vragen: ‘En? Vond je ‘m leuk?'”

Het grote probleem daarbij is de communicatie. “Een aap kun je moeilijk vragen: ‘En? Vond je ‘m leuk?’ Maar mensen natuurlijk wel. We besloten daarom te kijken naar hoe mensen daten. Wat wij belangrijk vinden in een partner en wat ons aantrekt. We hebben een dating-experiment georganiseerd, waarbij we mensen taken gaven, hun mening vroegen en hun gedrag filmden. En dat is geslaagd,” vindt Kret.


Leren van datende mensen
Kret en Roth vroegen 70 mensen om te komen daten in hun experiment. De singles kregen taken die met visuele aantrekkingskracht te maken hadden, maar moesten ook geur- en geluidsproeven ondergaan. Daarna gingen zij speed-daten. Om de vertaalslag naar de romantisch behoeftige orang-oetan te maken, maakte Roth de taken dusdanig dat ook de mensapen ze kunnen uitvoeren. “Onze mensen-singles, kregen bijvoorbeeld een scherm met twee foto’s van verschillende singles, waarvan één foto na enige tijd vervangen werd door een stip. De singles moesten met een drukknop reageren wanneer ze de stip in plaats van de foto zagen. Daaraan kunnen we zien welke foto en dus welk gezicht, zij het aantrekkelijkst vonden, ook onbewust. Hoe langer het duurt voordat je merkt dat de foto vervangen is door een stip, des te minder aantrekkelijk vond je deze foto in vergelijking met de andere foto op het scherm. Ook orang-oetans kunnen deze test doen en ons duidelijk maken, welke partner zij het aantrekkelijkst vinden.”

Afbeelding: Fotocitizen (via Pixabay).

Lekker geurtje
Maar van een mooi bord alleen, kunnen we niet eten, meent Kret. “We kijken ook naar gedrag en stem. Misschien zelfs geur. Ook die mogelijke factoren van aantrekkelijkheid hebben we geprobeerd in beeld te krijgen. Of dat met geur gelukt is, moeten we nog zien. We vroegen onze singles een gedragen t-shirt af te geven zodat hun date-partners hieraan konden ruiken. De feedback die we van onze proefpersonen kregen, was dat het heel lastig voor hen was te bepalen welke geur zij aantrekkelijk of onaantrekkelijk vonden. Maar wellicht dat er toch onbewuste factoren meespelen die we dadelijk wel degelijk gaan zien in de bevindingen. Voor apen kan dit een belangrijke factor zijn, die makkelijk te testen is. Je zou een vrouwtje de dekentjes kunnen geven waarmee de mannetjes gespeeld en geslapen hebben. Dan kun je zien voor welk dekentje en dus voor welke man, zij een voorkeur heeft.”

Long call
Ook aan de factor geluid hebben de onderzoekers gedacht. De gedragsbioloog bedacht een taak waarbij de orang-oetan een geluidsopname kan afspelen van verschillende mannetjes. “We vermoeden dat het vrouwtje meer moeite zal willen doen om het geluid te kunnen horen van het mannetje dat haar het meest aanstaat. Orang-oetanmannen hebben een long call, een geluid dat ze maken in de jungle en dat kilometers ver te horen is. We weten dat orang-oetans hier op reageren, het trekt vrouwtjes aan en schrikt mannetjes af. Maar welke long call valt het meest in de smaak? We denken er ook aan om met twee speakers te werken in het verblijf waaruit twee verschillende long calls komen. Ook dan kunnen we zien hoe vrouwtjes reageren.”

Geen date left-overs
De verwachting is dat vrouwtjes een algemene en mogelijk ook individuele voorkeur aan de dag zullen leggen voor bepaalde mannetjes. Geluid, geur en uiterlijke kenmerken zoals wangplaten, worden aan de vrouwtjes voor gelegd. We hoeven echter niet bang te zijn dat alleen de hunken onder de orang-oetans aan de vrouw komen en we met een plankje verstokte vrijgezellen blijven zitten, benadrukt Roth. “Ons onderzoek levert een extra verfijning en factor op in de databank. Bij gelijke genetische geschiktheid bijvoorbeeld van twee mogelijke partners, kunnen we kijken welke man waarschijnlijk het meest aantrekkelijk wordt gevonden door het betreffende vrouwtje. Het is slechts een extra filter.” Ook minder populaire orang-oetans zullen op deze manier dus nog aan de vrouw komen.

De onderzoekers kijken niet alleen uit naar de resultaten en bevindingen voor de orang-oetans, maar kunnen ook terug kijken naar een geslaagd experiment voor de mensen. “We hebben 20 koppels aan ons date-experiment overgehouden, die hebben aangegeven dat zij graag nog met elkaar een keer op date willen”, stelt Roth vast. Die vervolgdate mogen de proefpersonen zelf invullen, dus de bezwete shirts blijven dan waarschijnlijk gewoon in de wasmand.