Twee jaar geleden begon een monnikenwerk: het uitgraven van een gemummificeerde dinosaurus in North Dakota. Inmiddels zit zo’n 75 procent van het werk erop en is zo’n 450 kilo gesteente verwijderd. Daarmee komt de schat eronder steeds dichterbij.

De onderzoekers moeten engelengeduld hebben; om de dinosaurus – een edmontosaurus – niet te beschadigen mag gesteente en aarde slechts gram voor gram worden verwijderd. En dat kost tijd. Inmiddels hebben vier wetenschappers al 3800 uur aan het blootleggen van de dinosaurus gewerkt.

Organen
En dat is niet voor niets. De dino is één van de weinige gemummificeerde dinosaurussen ter wereld. Doordat het lichaam in gesteente is gefossiliseerd en sedimenten het dier vlug bedekten is de dino uitzonderlijk goed bewaard gebleven. De verwachting is dat er onder de sedimenten een mooie dinosaurus schuilgaat. Eentje wiens huid en pezen er nog vrijwel net zo uitzien als 65 miljoen jaar geleden. Men hoopt zelfs dat de interne organen bewaard zijn gebleven. Als dat zo is, mag dat een doorbraak worden genoemd en kunnen paleontologen hun hart ophalen.

Tijd
Maar voordat dat duidelijk wordt, moet nog een hoop werk verzet worden. “Het duurt heel lang om heel weinig te doen,” vertelt onderzoeker John Hoganson. Het verwijderen van sediment ter grootte van een munt kost gemakkelijk een dag tijd.

Hard rennen
De dinosaurus is waarschijnlijk zo’n zeven meter lang geweest. Wetenschappers vermoeden dat het dier hard kon rennen: tot dertig mijl per uur (48 kilometer per uur). Wat de doodsoorzaak was, is onbekend. Het dier was nog niet volgroeid, dus ouderdom is geen optie.

De dinosaurus werd in 1999 ontdekt. Vijf jaar later groeven wetenschappers het dier op. Als alles volgens plan gaat, ronden onderzoekers het werk aan de dinosaurus volgend jaar af.

Afbeelding: Nobu Tamura