Onderzoekers tonen aan dat duiven onderscheid kunnen maken tussen geschreven bestaande en niet-bestaande woorden.

Wetenschappers verzamelden een aantal duiven en zetten ze voor een scherm waarop woorden bestaande uit vier letters verschenen. De duiven leerden dat ze op het scherm moesten pikken als ze een vierletterwoord zagen. Wanneer ze een niet-bestaand woord spotten, moesten ze op een symbooltje pikken. Elke keer als de duiven het bij het juiste eind hadden, kregen ze iets lekkers.

Vocabulaire uitbreiden
Wanneer de onderzoekers de duiven een nieuw woord wilden leren, lieten ze het – samen met niet-bestaande woorden – vijftig keer aan de duif zien. Zodra de duif het echte woord van de niet-bestaande woorden kon onderscheiden, voegden de onderzoekers een tweede woord toe. En zo werd de vocabulaire van de duiven geleidelijk aan uitgebreid. Uiteindelijk kende de best presterende duif 58 woorden en meer dan 8000 niet-bestaande woorden.

Opmerkelijk
En wie denkt dat de duiven dat onderscheid konden maken door de woorden te memoriseren, heeft het mis. Wanneer de onderzoekers nieuwe woorden introduceerden, wisten de duiven dat nieuwe woord opvallend vaak te onderscheiden van niet-bestaande woorden. Dat is te lezen in het blad Proceedings of the National Academy of Sciences. Het bewijst dat de duiven in staat zijn om lettercombinaties visueel te verwerken en te herkennen. En dat is opmerkelijk. Het is namelijk voor het eerst dat deze vaardigheid bij een niet-primaat wordt aangetroffen. “Dat duiven – die door zo’n 300 miljoen jaar evolutie gescheiden worden van mensen en een heel andere hersenarchitectuur hebben – deze vaardigheid bezitten, is verbazingwekkend,” stelt onderzoeker Onur Güntürkün.

Het geschreven woord is nog betrekkelijk jong: het schrift werd iets meer dan 5000 jaar geleden uitgevonden. Onderzoekers achten het dan ook onaannemelijk dat we een vaardigheid als lezen dankzij evolutie verworven hebben. Dat duiven ook in staat zijn om woorden te herkennen, lijkt die aanname te onderschrijven. Maar hoe is dan te verklaren dat wij – en ook duiven op een bepaalde manier – kunnen lezen? De onderzoekers wijzen op de neuronal recycling-hypothese. Die hypothese stelt dat ons brein niet fysiek hoefde te veranderen om ons in staat te stellen om te lezen. In plaats daarvan vond een soort reorganisatie plaats waarbij delen van het brein die eerder betrokken waren bij het herkennen van objecten nu ingezet werden om woorden aan bepaalde beelden te koppelen.