Spoiler alert: hij wandelde het liefst net zo snel als wij.

Tot die conclusie komen Nederlandse onderzoekers in het blad Royal Society Open Science. Ze baseren zich op een 3D-model van Trix.

Trix
Trix is een T. rex die in 2013 door Nederlandse onderzoekers in de VS werd opgegraven en sinds 2016 in Naturalis te bewonderen is. Wie de goed bewaard gebleven dinosaurus aanschouwt, kan zich moeiteloos voorstellen dat deze al wandelend door het huidige Noord-Amerika andere aardbewoners miljoenen jaren geleden de stuipen op het lijf joeg. Waar we tot voor kort een minder goed beeld van hadden, is het tempo waarmee Trix wandelde.

Het nieuwe onderzoek van wetenschappers van Naturalis, de Vrije Universiteit Amsterdam en de Universiteit Utrecht brengt daar verandering in. De onderzoekers tonen met behulp van een 3D-model aan dat de dinosaurus veel swingender en langzamer – zo’n 4,6 kilometer per uur – liep dan veel onderzoekers dachten.

Voorkeursnelheid
In hun studie berekenen de onderzoekers de zogenoemde voorkeursnelheid van Trix. “Dit is in principe een rustige wandelsnelheid,” legt onderzoeker Pasha van Bijlert aan Scientias.nl uit. “Dieren kiezen, als ze niet hoeven te rennen, wandelsnelheden en stapritmes waardoor ze het energiezuinigst lopen. Bijvoorbeeld: stel dat een T. rex net klaar is met jagen en de buik vol heeft gegeten, wil deze misschien naar een rivier lopen om wat te drinken. Hier is dan geen haast bij, dus kiest de T. rex de snelheid waarop hij het minste energie heeft verbruikt als hij bij de rivier aankomt.”

Trix. Afbeelding: Naturalis.

Heel andere schatting
De door Van Bijlert en collega’s berekende voorkeursnelheid van T. rex ligt vrij laag. “Eerdere schattingen van wandelsnelheden van dinosauriërs vergelijkbaar met T. rex variëren tussen de 2 en 3 meter per seconde (dus rond de 7 tot 11 kilometer per uur),” zo vertelt Van Bijlert aan Scientias.nl. “Onze gevonden snelheid is dus een stuk lager.” En dat is te herleiden naar de aanpak van de onderzoekers. Waar eerdere onderzoeken waarin gekeken werd naar de wandelsnelheid van de machtige vleesetende dinosaurus zich vooral focusten op de hoogte van de heup, oftewel de lengte van de benen, kijken Van Bijlert en collega’s ook nog naar een ander lichaamsdeel. “(De benen, red.) zijn natuurlijk erg lang bij een grote dinosaurus, maar als je daar alléén naar kijkt, negeer je wel dat er nog zo’n grote staart achter hangt.” En die staart heeft een grote impact op de snelheid waarmee de dinosaurus bij voorkeur wandelt en die dus het meest energiezuinig is.

Een wandelende T. rex. Filmpje: Rick Stikkelorum, Arthur Ulmann & Pascha van Bijlert.

Resonantie
De staart van Trix moet zo’n 1000 kilo hebben gewogen en bestaat uit talloze wervels die onderling verbonden zijn met gewrichtsbanden of ligamenten. Deze gewrichtsbanden kun je vergelijken met elastieken, zo legt Van Bijlert in onderstaand filmpje uit. Wanneer je ze strekt, slaan ze energie op. Wanneer je ze loslaat, komt die energie vrij. Maar ze verbruiken geen energie. Het betekent dat die zware staart dankzij die ligamenten dus hoog werd gehouden zonder dat dat Trix energie kostte. Maar door die ‘elastieken’ tussen de wervels, bewoog de staart bij elke stap wel op en neer. En dan komt het aan op ritme, zo stellen de onderzoekers. Oftewel: een tempo waarop de staart ten opzichte van de rest van het lichaam van Trix het lekkerst beweegt en Trix er het minste door gehinderd wordt en er dus ook de minste energie op verliest.

Om dat tempo te kunnen bepalen, bouwden Van Bijlert en collega’s een 3D-model van Trix. Hierbij werd het beroemde skelet voorzien van spieren, waarna er biomechanische analyses op konden worden uitgevoerd. Uit die analyses rolt een optimaal wandeltempo waarbij de staart het lekkerst beweegt. “Als T. rex de correcte stapfrequentie kiest, dan beweegt de staart maximaal,” legt Van Bijlert uit. “Hierdoor wordt de hoeveelheid energie die wordt opgeslagen en dus de wandelefficiëntie gemaximaliseerd.” Heel concreet moet de gekozen stapfrequentie hiervoor gelijk zijn aan de natuurlijke frequentie waarmee de staart op en neer beweegt. Het biomechanische model verklapt de frequentie waarmee de staart beweegt, vervolgens hoefden de onderzoekers alleen nog maar uit te rekenen welke afstand de dino met elke stap overbrugt, om zijn wandeltempo te bepalen.

Dat optimale wandeltempo komt dus uit op zo’n 4,6 kilometer per uur. Het tempo ligt zoals gezegd veel lager dan eerder werd gedacht. Maar de onderzoekers zijn – ondanks dat we de T. rex nooit met eigen ogen zullen zien wandelen – vrij zeker van hun zaak. Ten eerste omdat de in eerdere studies buiten beschouwing gelaten staart van T. rex een behoorlijke impact moet hebben gehad. En ten tweede, omdat de nieuwe favoriete loopsnelheid van T. rex veel beter overeenkomt met het optimale wandeltempo van levende dieren. Zo lopen ook tweebenigen – zoals mensen en struisvogels – en veel vierbenigen – zoals de flink grotere olifant en giraffe – het liefst met een snelheid tussen de 4 en 5 kilometer per uur.