Onderzoekers zijn erin geslaagd om een enorm sterke magneet te ontwikkelen en tonen aan dat de limiet van magnetisme nog steeds kan worden opgerekt. De wetenschappers maakten gebruik van bestanddelen van ijzer en stikstof. Het resultaat: Fe16N2 gaat de boeken in als de heilige graal der magneten.

Magnetisme ontstaat wanneer elektronen in dezelfde richting rondom een atoom bewegen. Des te meer elektronen deze richting volgen, des te sterker de magneet is. IJzer is één van de meest sterke magnetische bestanddelen. Door ijzer te combineren met stikstof werd de stof nog magnetischer. Sterker nog: de magneet wordt maar liefst achttien procent sterker dan men ooit voor mogelijk hield.

Dit komt doordat één stikstofatoom zes ijzeratomen rond zich verzamelt en nog eens twee andere atomen de gaten tussen de clusters vult. Terwijl de ijzeratomen buiten de clusters geen uitzonderlijke magnetische krachten hebben, worden de atomen in de clusters sterker.

Het hoofd van het onderzoeksteam, Jian-Ping Wang bedacht al in 1972 dat een dergelijke combinatie van stoffen tot een ijzersterke magneet zou leiden, maar het kwam nooit tot een echt experiment. Nu – zo’n 38 jaar later – is het er dan toch van gekomen.