Het bestaan van dit object is een mysterie. En er zijn er inmiddels vier van!

In de jaren tachtig vonden wetenschappers voor het eerst ultralumineuze röntgenbronnen in sterrenstelsels. Veel van de ULX’en zijn zwarte gaten. Deze bronnen zijn helderder dan de Eddingtonlichtkracht van een zwart gat van tien zonnemassa’s en zijn uitstekend zichtbaar in röntgenlicht.

Enkele jaren geleden ontdekten wetenschappers dat sommige ULX’en neutronensterren zijn. Inmiddels staat de teller op vier stuks. Onlangs is namelijk een vierde ultralumineuze neutronenster gevonden in sterrenstelsel M51, de bekende Draaikolknevel. De foto bovenaan dit artikel bevat gegevens van de Chandra-röntgentelescoop en de Hubble-ruimtetelescoop. De desbetreffende neutronenster is omcirkeld.

Wat is een neutronenster?
Een neutronenster is een samengepakte kern van een massieve ster. Een neutronenster ontstaat wanneer zo’n massieve ster zonder brandstof komt te zitten en onder zijn eigen gewicht instort en explodeert. De materie die daarna overblijft, wordt samengedrukt tot een bal van ongeveer 19 kilometer breed en een massa die ongeveer een half miljoen keer groter is dan de massa van de aarde. Dit betekent dat een theelepeltje op een neutronenster zwaarder weegt dan een berg op aarde. Zo’n neutronenster draait heel snel om zijn eigen as en heeft een zeer sterk magnetisch veld.

Aristieke impressie van een neutronenster.

Bij een neutronenster is er sprake van zwaartekracht en stralingsdruk. Zwaartekracht trekt materie aan, terwijl stralingsdruk van het röntgenlicht de materie juist weg kan duwen. Met andere woorden: als de neutronenster te helder schijnt, stopt de aanvoer van materie. Dit Eddingtonlimiet is een soort universele wet, maar toch zijn er objecten die deze limiet overschrijden. Dit geldt bijvoorbeeld voor deze neutronenster.

Wetenschappers tasten nog in het duister. Zij vonden in het archief van Chandra een ongebruikelijke dip in het röntgenspectrum van de ULX, maar weten nog niet waar deze dip door werd veroorzaakt. Ze zijn van plan om gegevens van de andere drie ultralumineuze neutronensterren te analyseren. Wellicht dat ook daar dipjes te vinden zijn, waardoor het mysterie in de toekomst opgelost kan worden.