Veel mensen hebben een hekel aan insecten. Een nieuw boek leert ons om juist blij te zijn met de kriebelbeestjes.

Bij insecten denken we al snel aan muggen die ons ‘s nachts lekprikken of vliegen die tijdens het eten om ons hoofd zoeven. Insecten: daar moeten we over het algemeen niet veel van hebben. En hoogleraar Marcel Dicke heeft daar moeite mee. Zo’n moeite dat hij een boek schreef dat dienst doet als een pleidooi voor het insect. Hij probeert ons er – helemaal niet onverdienstelijk – van te overtuigen dat insecten zo slecht nog niet zijn. Er zitten natuurlijk wel wat rotte appels tussen, maar die mogen we het imago van het insect natuurlijk niet laten verprutsen.

Angst
Het betoog van Dicke is interessant, bij vlagen komisch en bovenal verhelderend. Wat wij eraan overhielden was een licht gevoel van schaamte. Want ook wij meppen wel eens een vlieg dood of spoelen een nietsvermoedende spin door het toilet. En waarom eigenlijk? Dicke laat zien dat het alles te maken heeft met propaganda. In enge films en series duiken regelmatig enorme insecten op. Denk aan enorme kevers die in een donker bos de hoofdpersoon bespringen. Nog zo’n sterk staaltje impliciete propaganda: het Kijkwijzer-symbool voor ‘eng’. Een spin. Weliswaar geen insect, maar net als insecten pronkt ‘ie wel op de ‘ik haat..’-lijstjes van mensen.

Foto: Sivi Steys (cc via Flickr.com).

Dood
Dicke analyseert die rare gevoelens die wij bij insecten en andere beestjes met meer dan vijf poten hebben op een heel verhelderende wijze. Zo vertelt hij dat insecten al eeuwenlang in verband worden gebracht met de dood. Vlinders staan op doodskisten en boven overlijdensadvertenties. En dat is niet alleen van deze tijd: ook de oude Egyptenaren haalden er al insecten bij. Tegelijkertijd kunnen insecten zelf ook dodelijk zijn. Denk aan een malariamug. Of vlooien die de pest verspreidden. Het verklaart mogelijk die rare angst die we (ook voor onschuldige) insecten hebben.

Feitjes

Er zijn wereldwijd zo’n zes miljoen insectensoorten te vinden. En maar liefst tachtig procent van alle diersoorten heeft zes pootjes. Een snel rekensommetje leert ons dat er voor elke mens zo’n 200 tot 2000 kilo aan insecten op aarde rondloopt, zo schrijft Dicke.

Gekke dingen
En zoals u wellicht weet, kunnen angstige mensen gekke dingen doen. Een kat in het nauw maakt rare sprongen. En dus meppen we die vlieg dood, spoelen we die spin door het toilet en slaan we die wesp tot moes. Misschien goed om ons de volgende keer in onze angst (en razernij) even te realiseren dat we ook veel aan deze insecten te danken hebben. Want wat doen ze veel voor ons, zo schrijft Dicke. “Zonder insecten komen we om in de poep, is er voor de meeste planten geen voortplanting en sterven vele vogels uit. Kortom, insecten zijn essentieel voor het leven op aarde.”

Op de kaart
En in de toekomst worden insecten alleen maar belangrijker, zo voorspelt Dicke. Ze komen dan naar verwachting op steeds grotere schaal op de menukaarten te staan. Voor de insectenteelt is namelijk minder water nodig. Ook komt er minder CO2 bij vrij en de voedingswaarde is groter. Handig als de wereldbevolking explosief blijft groeien en er steeds meer monden gevoed moeten worden. Lijkt u dat helemaal niets? Dan heeft Dicke nog een verrassing voor u. U eet nu al insecten. Stukjes insecten duiken onder meer op in appelmoes, tomatensoep en pindakaas. Zo werken we elk jaar zonder dat we het weten toch nog zo’n 500 gram insecten naar binnen.

Lekker? Foto: Fraser Lewry (cc via Flickr.com).

Insecten trekken ten strijde
Dicke onderschrijft het geweldige karakter van insecten met een aaneenschakeling van interessante artikelen over insecten. En dat gaat geen moment vervelen. Dicke rijgt namelijk het ene na het andere interessante feitje aan elkaar. Wist u bijvoorbeeld dat vlinders soms wel 3000 kilometer vliegen om te overwinteren? En wist u dat insecten meer oorlogen hebben beslecht dan geweren? Slimme generaals wisten oorlogen te beslechten door bijennesten over de stadsmuren te gooien. En soms hielp de natuur zelf een handje: luizen besmet met tyfus roeiden de vijand dan helemaal uit.

Gevaar
Dicke ontkent geen moment dat insecten gevaarlijk kunnen zijn. Sterker nog: hij waarschuwt ons (en beleidsmakers) voor het onderschatten van insecten. Zo is de teek bezig aan een opmars en wordt het tijd dat dit beestje gestopt wordt. Maar Dicke weigert alle insecten over één kam te scheren en neemt het op voor degenen die slachtoffer dreigen te worden van het slechte imago van de groep waar ze deel van uitmaken. Muggen bijvoorbeeld. Ze zijn irritant, maar we hebben er – in ieder geval in ons landje – weinig van te vrezen. En dan is er ook nog de groep insecten die we juist extra moeten koesteren. Bijen bijvoorbeeld. Ze hebben het zeer moeilijk en kunnen wel wat hulp gebruiken.

Foto: cotinis (cc via Flickr.com).

Gezien het feit dat insecten zoveel voor ons doen, verdienen ze het om wat beter behandeld te worden. Hun imago moet worden opgepoetst en onze kijk op insecten moet veranderen. Dat is een proces dat heel veel tijd en heel veel energie kost. Maar het is zeker haalbaar, zo stelt Dicke. Zolang er maar boekjes als ‘Blij met een dooie mug’ blijven verschijnen waarin vol enthousiasme verteld wordt over de wondere wereld der insecten. Nieuwsgierig naar Dicke’s bijdrage aan het charme-offensief van het insect? U kunt het boek hier bestellen.