De verwachting is dat het eerste veilige vaccin tegen Covid 19 niet lang meer op zich laat wachten. Maar hoe bepalen we wie dat vaccin het eerste krijgt?

In een ideale wereld hebben 7,8 miljard mensen evenveel recht het vaccin tegelijkertijd te mogen krijgen. Maar het is nog maar de vraag of het vaccin meteen beschikbaar is in zulke grote getale en of het meteen onder de wereldbevolking gedistribueerd kan worden. Om toch prioriteiten te kunnen aangeven heeft een internationaal team van onderzoekers onder leiding van oncoloog en bioethicus dr. Ezekiel Emanuel, een model samengesteld zodat het vaccin in ieder geval het eerst gaat naar hen die het het meest nodig zullen hebben.

Een ethisch vaccinatie-programma
Professor in de wijsbegeerte dr. Lisa Herzog van de Universiteit Groningen werkte mee aan het artikel dat een eerlijke verdeling van het vaccin belooft. In An Ethical Framework for Global Vaccin Allocation onderscheiden de wetenschappers verschillende fases van distributie. “We hebben nagedacht over welke prioriteiten we moeten stellen en de schade die het virus kan aanrichten op verschillende manieren aan de gezondheid en levens van mensen. We moesten ook aan economische factoren denken, die hebben overigens natuurlijk ook weer indirect invloed op de volksgezondheid. Zo hebben we verschillende principes ontwikkeld voor verschillende fases.”


Vaccinaties faseren
De auteurs vinden dat er sprake moet zijn van een Fair Priority Model, een ethisch kader voor overheden, vaccinproducenten en instanties om te kijken waar het vaccin het best het eerst kan worden ingezet. De conclusie van het artikel is dat er het best gevaccineerd kan worden aan de hand van 3 fases. De eerste fase gaat uit van het voorkomen van grootschalig, vroegtijdig overlijden en ernstige schade aan de gezondheid. De tweede moet grote economische en sociale gevolgen van het virus beperken en de laatste stap in het vaccinatie-proces is om de lokale verspreiding van het virus tegen te gaan.

Pragmatische criteria kunnen mensenlevens kosten
Verschillende fases implementeren in het vaccinatieprogramma, is volgens Herzog onontbeerlijk. “Er zal sowieso een distributieprobleem zijn als we het vaccin bij alle wereldburgers willen krijgen. Hopelijk zullen er snel genoeg vaccins zijn voor iedereen en kan iedereen gevaccineerd worden. De vraag is: wie krijgt het vaccin het eerst? Als we realistisch zijn, zullen veel rijkere landen de eerste vaccins voor hun eigen populatie proberen te krijgen. Maar ook dan gaan er in de praktijk waarschijnlijk toch kwesties mee spelen als: wie krijgen de volgende ladingen toegediend en die daarna? Die vragen zullen ook spelen binnen de Covax-alliantie (zie filmpje hieronder, red.) of als een rijk land een grotere voorraad aan vaccins heeft dan het nodig heeft. Als je dan pas pragmatische criteria gaat toepassen, kan het al te laat zijn. Dan heb je misschien meer sterfgevallen die voorkomen hadden kunnen worden, dan wanneer je wel van te voren prioriteiten in je vaccinatie-programma invoert.”


Geen dosis mag verloren gaan
Per fase zal gekeken worden hoeveel doses ieder land nodig heeft voor die specifieke fase. Het aantal beschikbare vaccins wordt verdeeld over de landen aan de hand van de fase-criteria en het land zelf zorgt ervoor dat het vaccin bij de juiste personen terecht komt. Herzog houdt er rekening mee dat dit voor menig land een uitdaging kan zijn. “Het belangrijkste is dat er natuurlijk geen vaccin verloren gaat of overschiet. Stel je voor dat er besloten is dat een bepaald land de vaccins het eerst het hardst nodig heeft, maar het heeft niet de middelen of de infrastructuur om de vaccins bijvoorbeeld op de juiste temperatuur te bewaren en vervoeren, dan zou dat ook weer vragen moeten oproepen over de verantwoordelijkheid van andere landen om het land in moeilijkheden hierin te helpen en te faciliteren.”

Niet ieder land happig op samenwerking
De onderzoekers zijn echter niet de enigen die zich gebogen hebben over hoe de eerste vaccins moeten worden ingezet. Zo gaan er ook stemmen op om de vaccins primair te verdelen onder de medewerkers in de gezondheidszorg en andere primaire beroepen. Voor welke route de WHO kiest is vooralsnog niet zeker, beaamt de filosoof. “We hopen natuurlijk dat het volgens ons ethisch framework zal zijn, dat de COVID-19 vaccinatie-programma’s zullen verlopen, maar dat ligt uiteraard niet helemaal in onze handen. Sommige landen zijn überhaupt niet zo happig op samenwerking met andere landen in dit opzicht, dus waar we in ieder geval op hopen is dat ons model ten minste gedeeltelijk wordt ingevoerd.”

Aan wetenschappelijke samenwerking zal het in ieder geval niet liggen. “Genoeg onderzoekers in ons team hebben nauwe banden met de internationale gezondheidszorginstellingen zoals het WHO. En dat is toch de belangrijkste route die we moeten volgen voor politieke implementatie van ons ethisch framewerk,” aldus Herzog, die in ieder geval al wijst naar de volgende stappen om het plan te kunnen uitvoeren. “Onze model is compleet, maar om één en ander uit te voeren, hebben we nog wel meer data entry nodig van verschillende landen en samenwerking met statistici en sociale wetenschappers. Dus we hebben nog genoeg werk te doen.”