Het zee-ijs op de noordpool is de afgelopen zomer flink gesmolten. Op zich niets nieuws, maar onderzoekers concluderen nu ook dat het zee-ijs het hele jaar rond in oppervlakte afneemt. De herfst en winter slagen er niet in het sterke smeltproces van de zomer en lente te compenseren. Gevolg: aan het einde van de zomer 2030 is al het ijs weg.

Aan het einde van de lente en zomer bedekt het zee-ijs op de noordpool nu zo’n schamel oppervlak van 4.76 miljoen vierkante kilometer. Voor de derde keer in vier jaar tijd redt het zee-ijs het niet om op of boven de vijf miljoen vierkante kilometer te komen. Wetenschappers weten wel waarom: wereldwijde opwarming.

Krimpen
De onderzoekers gebruikten satellietgegevens om tot hun conclusies te komen. Ze stellen vast dat het ijs in de winter en herfst niet sterk genoeg groeit om het smeltproces van de lente en zomer te compenseren. Hierdoor krimpt het zee-ijs als het ware het hele jaar door. “De noordpool – de gehele aarde trouwens – is aan het opwarmen en doet dat snel,” vertelt onderzoeker Mark Serreze. “En we zien het zee-ijs daar nu op reageren. Echt in alle maanden is het zee-ijs aan het krimpen.”

2030
Daardoor wordt het oppervlak bedekt met zee-ijs elk decennium zo’n elf procent kleiner. “Als je in 2030 op de eerste dag van september naar de noordpool gaat dan zie je wellicht helemaal geen ijs. Het ziet er dan uit als één grote blauwe oceaan.”

Lijstje
Het is niet voor het eerst dat wetenschappers de noodklok luiden over het zee-ijs. Sterker nog: het is wel eens erger geweest. Deze 4.76 miljoen vierkante kilometer gaat de boeken in als de op twee na kleinste hoeveelheid zee-ijs op de noordpool ooit. Dit lijstje wordt aangevoerd door de hoeveelheid zee-ijs in 2007. Deze bedekte toen slechts 4.13 miljoen vierkante kilometer.

Het verdwijnen van het zee-ijs is met name een groot probleem voor diverse dieren op de noordpool, zo bleek eerder deze week uit onderzoek. Onder meer de ijsbeer, poolvos en walrus hebben het zee-ijs nodig om te overleven.