supernovarestant

Wetenschappers hebben een zeer jong supernovarestant ontdekt in onze Melkweg. Het overblijfsel van een geëxplodeerde ster zou minder dan 2500 jaar oud zijn en daarmee tot één van de twintig jongste supernovarestanten in onze Melkweg behoren.

De onderzoekers kwamen het supernovarestant dankzij de Swift-satelliet op het spoor. Met behulp van zijn röntgentelescoop bracht Swift het gebied waarin ook dit jonge supernovarestant zich bevindt, in kaart. Zo stuitten de onderzoekers op een aparte, ronde structuur. Met behulp van Chandra bestudeerden ze de structuur verder, om vervolgens te ontdekken dat het om een supernovarestant ging. Het restant heeft de naam G306.3-0.9 gekregen.

Foto: X-ray: NASA / CXC / Univ. of Michigan / M. Reynolds et al; Infrared: NASA / JPL-Caltech; Radio: CSIRO / ATNF /ATCA.

Foto: X-ray: NASA / CXC / Univ. of Michigan / M. Reynolds et al; Infrared: NASA / JPL-Caltech; Radio: CSIRO / ATNF /ATCA.

Superjong
“Astronomen hebben eerder al meer dan 300 supernovarestanten in het sterrenstelsel ontdekt,” vertelt onderzoeker Mark Reynolds. “Onze analyse wijst erop dat G306.3-0.9 minder dan 2500 jaar oud is en dat zou betekenen dat dit één van de twintig jongste supernovarestanten is die tot op heden zijn geïdentificeerd.”

Dit is het beeld dat Swift van het supernovarestant kreeg.  De puntjes geven de plek aan waar röntgenstralen de detector aan boord van Swift raakten. De structuur van het supernovarestant is goed te zien. Foto: NASA / Swift / Stefan Immler.

Dit is het beeld dat Swift van het supernovarestant kreeg. De puntjes geven de plek aan waar röntgenstralen de detector aan boord van Swift raakten. De structuur van het supernovarestant is goed te zien. Foto: NASA / Swift / Stefan Immler.

Fijn
Voor onderzoekers is de ontdekking van zo’n jong supernovarestant bijzonder prettig. Astronomen schatten dat een supernova-explosie slechts één tot twee keer in de eeuw in de Melkweg voorkomt. De schokgolf en het puin dat tijdens zo’n explosie worden gecreëerd, verdwijnt geleidelijk aan. Het mengt zich met interstellair gas, net zolang tot het niet meer herkenbaar is. Hoe jonger een supernovarestant is, hoe meer er nog van over is. En hoe beter astronomen dus ook kunnen achterhalen hoe de ster er voor de explosie uit moet hebben gezien en hoe deze aan zijn einde is gekomen.

“We hebben nog niet genoeg informatie om vast te kunnen stellen wat voor soort supernova dit was en wat voor soort ster geëxplodeerd is,” vertelt onderzoeker Jamie Kennea. “Maar we hebben nog meer observaties met Chandra gepland staan om er een beter beeld van te krijgen.”