Het valt zeker niet uit te sluiten, zo stelt een nieuw onderzoek.

Enceladus is één van de 82 manen die Saturnus rijk is. En het is misschien ook wel direct één van de interessantste manen in ons zonnestelsel. In de afgelopen decennia hebben onderzoeken namelijk uitgewezen dat onder het ijzige oppervlak van de zo op het eerste gezicht ongastvrije maan een oceaan te vinden is waarin de omstandigheden wellicht gunstig zijn voor het ontstaan en in standhouden van leven.

Pluimen
Met dat in gedachten zijn onderzoekers natuurlijk heel benieuwd hoe die oceaan precies in elkaar steekt en of deze werkelijk leefbaar is. En ze hebben geluk. Op de zuidpool van Enceladus zijn namelijk geisers te vinden die uit de oceaan afkomstige deeltjes dwars door de ijskap voeren en de ruimte in slingeren. In 2015 heeft ruimtesonde Cassini deze geiserpluimen bemonsterd. En daaruit blijkt dat ze rijk zijn aan moleculen die we hier op aarde vaak tegenkomen rond hydrothermale bronnen op de bodem van de oceaan. Denk aan diwaterstof, methaan en koolstofdioxide.

Onder de ijskorst van Enceladus gaat een oceaan schuil. Op de bodem ervan zijn mogelijk hydrothermale bronnen te vinden. Die kennen we hier op aarde ook en sommige onderzoekers denken dat de eerste levensvormen op aarde rond dergelijke bronnen zijn ontstaan. Afbeelding: NASA / JPL-Caltech / Southwest Research Institute.

Wat onderzoekers daarbij vooral verbaasde, was de grote hoeveelheid methaan die in de pluimen is aangetroffen. Dat suggereerde dat er in de ondergrondse oceaan methaan wordt geproduceerd. Het maakt de maan zo mogelijk nog interessanter, omdat we hier op aarde microben kennen die methaan voortbrengen. Zouden vergelijkbare micro-organismen ook rond eventuele hydrothermale bronnen op de bodem van Enceladus’ oceaan rondhangen?

Modellen
“De zoektocht naar dergelijke microben – ook wel methanogenen genoemd – op de bodem van Enceladus’ oceaan zou een extreem uitdagende diepzeeduikmissie vereisen die de komende decennia nog niet mogelijk is,” aldus onderzoeker Regis Ferriere. Om toch helder te krijgen of microben aan de methaanproductie ten grondslag liggen, besloten Ferriere en collega’s het over een andere boeg te gooien. Ze analyseerden de door Cassini verzamelde data nogmaals. En vervolgens gingen ze met behulp van nieuwe wiskundige modellen na welke processen de door Cassini waargenomen cocktail aan elementen – en dan met name de overvloed aan methaan – het beste konden verklaren.

Microben
Het onderzoek wijst uit dat Cassini’s observaties prima te verklaren zijn door de aanwezigheid van microben die rond hydrothermale bronnen diwaterstof verorberen en methaan voortbrengen. Een abiotisch proces – waarbij microben dus geen rol in de methaanproductie spelen – is ook mogelijk, maar dat zou er – afgaand op Cassini’s observaties – dan wel heel anders uitzien dan de processen die we hier op aarde kennen.

Geen harde conclusies
“We concluderen natuurlijk niet dat er leven is in Enceladus’ oceaan,” benadrukt Ferriere. “In plaats daarvan willen we begrijpen hoe waarschijnlijk het is dat Enceladus’ hydrothermale bronnen bewoond worden door aardachtige micro-organismen. En volgens onze modellen vertellen de Cassini-data ons dat dat heel waarschijnlijk is.”

Het onderzoek
In hun studie gingen de onderzoekers eerst na hoeveel diwaterstof de hydrothermale bronnen moeten voortbrengen om de hoeveelheden die Cassini hoog boven Enceladus’ oppervlak heeft gemeten, te kunnen verklaren. Vervolgens gingen ze na of die productie groot genoeg is om een populatie aardachtige methaanproducerende microben van voedsel te voorzien. Ook gingen ze na hoe deze hypothetische populatie microben van invloed zou zijn op de hoeveelheid methaan in de pluimen boven Enceladus’ zuidpool. Daarnaast werd natuurlijk ook gekeken wat de hydrothermale bronnen in hun eentje – dus in afwezigheid van leven – konden voortbrengen.

Resultaten
De resultaten wijzen duidelijk uit dat zelfs de meest productieve hydrothermale bronnen er in hun eentje niet in slagen om voldoende methaan te produceren. Alleen als er naast de hydrothermale bronnen ook methaanproducerende microben werden gesimuleerd, konden de modellen net zoveel methaan voortbrengen als Cassini hoog boven Enceladus heeft gemeten.

Gissen
Zoals Ferriere hierboven al opmerkt, is het geen hard bewijs voor de aanwezigheid van leven. “Biologische methaanproductie lijkt bij de data te passen,” merkt de onderzoeker voorzichtig op. Mochten er toch geen methaanproducerende microben op Enceladus zijn, dan moeten er wel buitenaardse abiotische processen aan de door Cassini waargenomen moleculencocktail ten grondslag te liggen. Want de ons bekende aardse processen kunnen die cocktail ook niet goed verklaren. Hoe die buitenaardse processen er dan uit zouden zien, blijft gissen.

Al met al is er meer dan voldoende reden om Enceladus en zijn pluimen nog eens van wat dichterbij te bekijken. Dat is op korte termijn helaas onmogelijk. Cassini is er niet meer. En er zijn (nog) geen concrete plannen voor een nieuwe missie naar Saturnus en zijn manen. Eerder dachten ESA en NASA samen wel na over de Titan Saturn System Mission die naar Titan en Enceladus zou voeren, maar die plannen hebben de tekentafel nog niet verlaten. Beide ruimtevaartorganisaties lijken hun blik nu voornamelijk gericht te hebben op die andere gasreus met zijn ijzige manen: Jupiter. ESA wil in 2022 de JUpiter ICy moons Explorer (JUICE) erop uitsturen. De sonde zal zich onder meer over Jupiters maan Europa buigen die eveneens een ondergrondse oceaan bezit en al jaren een goede kandidaat voor buitenaards leven lijkt te zijn. NASA werkt ondertussen aan Europa Clipper, een sonde die in 2024 het luchtruim moet kiezen en eveneens de maan Europa onder de loep gaat nemen.