Ook in 2012 lukte het weer niet: het Songfestival winnen. Zelfs tot de finale doordringen zat er niet in. Tijd voor een nieuwe aanpak. Een wetenschappelijke aanpak.

Al een aantal jaren op rij blijven we in de halve finale steken. En na elke halve finale roept half Nederland weer: ‘Volgend jaar doen we niet meer mee, het is zo oneerlijk’. Maar het is wel erg makkelijk om na een nederlaag te zeggen niet langer mee te willen doen. Er zijn glorierijkere manieren om met een verlies om te gaan. Zo zouden we volgend jaar ook als een feniks uit de as kunnen herrijzen.

Kiezen
Maar hoe dan? Bij de TROS wordt vast al nagedacht over de volgende volkszanger die we met een bijzonder pak of gekke jurk naar Zweden kunnen sturen. En ongetwijfeld mag het volk zich daar dan ook weer over uitspreken. Een nobel streven, zo’n democratische verkiezing, maar wie wil winnen laat zo’n beslissing toch niet over aan een stel Nederlanders die wel over een mobieltje, maar helaas niet over muziekkennis of goede smaak beschikken? Nee, beter laten we zo’n gewichtige zaak – want dat is het, zolang er meer dan 2,5 ton subsidie in verdwijnt – over aan de wetenschap.

Sieneke vertegenwoordigde ons land in 2010 en bleef ook in de halve finale steken. Foto: Aktiv I Oslo.no (via Wikimedia Commons).

Liedje
Laten we beginnen met het liedje. Dat moet goed in het gehoor liggen en ook een beetje ‘blijven hangen’. Dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan, maar dankzij wetenschappelijk onderzoek is het schrijven van een meezinghit tegenwoordig net zoiets als het bakken van een pannenkoek: een kwestie van de juist ingredienten bij elkaar gooien. Wetenschappers van de Goldsmith University kwamen eind vorig jaar met het recept voor de meezinghit. Het geheim? Onder meer lange muzikale passages en modulaties. Dat is iets waar de componisten van de TROS alvast mee aan de slag kunnen. Onderzoekers van de universiteit van Bristol hebben echter nog wel iets toe te voegen. Zij zochten uit welke kenmerken tophits met elkaar gemeen hebben. Daar rolde uiteindelijk een formule uit waarmee voorspeld kan worden of een liedje een hit wordt of niet. Naast componisten heeft de TROS volgend jaar dus ook wiskundigen nodig die een beetje met de variabelen (tempo, akkoordenschema, duur van het liedje, enzovoort) kunnen spelen tot het ultieme resultaat (lees: een hit) is bereikt.

Zanger
Maar met een liedje alleen zijn we er natuurlijk nog niet. We hebben ook een zanger nodig. En ook op dat gebied kan de wetenschap ons helpen. Zo blijkt een liedje het beste in het gehoor te blijven liggen als het door een mannelijke zanger met een hoge stem wordt gezongen.

WIST U DAT…

…muziek alzheimerpatiënten tijdelijk het bewustzijn terug kan geven?

Robot
Zo’n zanger (of zangeres, mocht de TROS het wetenschappelijke advies naast zich neer leggen) is natuurlijk altijd een risico. Dat bleek vorige week bijvoorbeeld nog. Tijdens de halve finale was Joan niet zo heel toonvast. Dat is ergens logisch: ze heeft drukke weken achter de rug, haar stem is vermoeid van alle interviews en oefeningen en het is bovenal superspannend. Niets aan te doen? Nou..wederom kan de wetenschap helpen. Onderzoekers hebben namelijk al diverse robots ontwikkeld die kunnen zingen. Een beetje eng is het wel, maar vals zingen ze nooit. Luister zelf maar.

Orkest
Ook het orkest kunnen we trouwens door robots vervangen. Bijvoorbeeld door quadrocopters. En daarmee hebben we – zonder dat daar hoofdtooien of vreemde kledij aan te pas komt – eigenlijk al een fantastische act.

Het lijkt mij een prachtige uitdaging: een wetenschappelijk verantwoorde Songfestivalhit en -act maken. Natuurlijk zijn we daarmee niet verzekerd van de winst: het blijft tenslotte een raar spelletje. Maar we kunnen dan wel zeggen dat we er – wederom wetenschappelijk gezien – in ieder geval alles aan gedaan hebben.