De organisatie SETI luistert al sinds de jaren zestig van de vorige eeuw naar signalen uit de ruimte, in de hoop buitenaardse beschavingen te vinden. Het paradepaardje van SETI is de Allen Telescope Array. Wegens geldgebrek zijn de schotels uitgeschakeld en ligt de zoektocht naar buitenaards leven stil.

In 2007 is de Allen Telescope Array gebouwd voor 50 miljoen dollar. De 42 schotels produceren 100 tot 200 TB gegevens per dag, die vervolgens geanalyseerd worden door computers en door medewerkers van SETI.

De 42 schotels staan op dit moment in de slaapstand. Om de Allen Telescope Array te gebruiken heeft SETI drie miljoen euro per jaar nodig. Dit geld komt binnen via budgetten en donateurs. Maar aangezien minder donateurs geld geven aan SETI en ook de budgetten flink zijn geslonken, kan de organisatie de 42 schotels niet meer betalen.

Dat SETI voorlopig geen gebruik meer mag maken van de schotels komt als een bittere pil. Oorspronkelijk was het de bedoeling om 350 schotels te plaatsen, maar gezien het gebrek aan liquide middelen zal SETI de Allen Telescope Array voorlopig niet uitbreiden.

First contact: wanneer?
Hoewel het nog niet zeker is of er buitenaards leven bestaat, denken de meeste wetenschappers dat de mensheid binnen 250 jaar een bericht ontvangt van aliens. Sommige wetenschappers denken dat het eerste bericht binnen enkele decennia arriveert. “Als we rond 2035 nog geen signaal hebben ontvangen van een buitenaardse beschaving, dan is er iets mis met onze fundamentele veronderstellingen”, zei SETI-expert Seth Shostak vorig jaar tijdens een conferentie.

Kosmisch getwitter
Volgens fysicus Gregory Benford moet SETI op zoek naar ‘kosmisch getwitter‘. Aliens zenden geen willekeurige berichten overal heen, maar houden het kort en doelgericht om geld te besparen. “Wat voor levensvorm het ook is: de evolutie leert hen om zuinig met hun bronnen om te gaan,” meent Gregory Benford. “Uitzenden is duur en het verzenden van signalen over afstanden van vele lichtjaren zou veel middelen eisen.”