Het is zo oneerlijk. Je gaat door toedoen van de zwangerschapshormonen al wankelend door het leven en dan zijn er ook nog allerlei mensen die je gevraagd en ongevraagd van advies voorzien en bombarderen met bakerpraatjes. En wie denkt na de bevalling in rustiger vaarwater terecht te komen: vergeet het maar. Dan begint het pas. Opeens komen er nog veel meer adviezen bij: van consultatiebureau-artsen, trotse opa’s en oma’s of collega-moeders die je bij het kinderdagverblijf tegen het lijf loopt. Soms zitten de adviezen aardig op één lijn. Soms staan ze – heel behulpzaam – haaks op elkaar. In het gunstigste geval raak je er serieus van in de war.

Gelukkig is daar Ionica Smeets, moeder en hoogleraar wetenschapscommunicatie aan de Universiteit Leiden. In haar nieuwe boek ‘Zoete kinderen eten geen suiker‘ gaat ze bakerpraatjes en alle goedbedoelde (opvoed)adviezen te lijf met een geducht wapen: de wetenschap.

Het boek is voor ouders een feest van herkenning en rekent genadeloos af met allerlei mythes die anno 2016 nog rondwaren. Zo raak je je zwangerschapskilo’s echt niet versneld kwijt door borstvoeding te geven en ben je geen ontaarde moeder als je een kind op de wereld hebt gezet dat na twee jaar nog altijd serieus gehecht is aan zijn/haar speen. Ook hoef je je niet schuldig te voelen als je je kind tijdens de zwangerschap niet aan Mozart hebt blootgesteld (want echt, daar word het niet slimmer van). En ook hoeft het schaamrood niet op je kaken te staan als je een op de grond gevallen speen aflikt en snel weer bij je baby in de mond stopt.

Misschien is het nuchtere ‘Zoete kinderen eten geen suiker‘ wel het beste kraamcadeau dat je kunt kopen. Want in feite is er eigenlijk maar één ding dat jonge ouders die geteisterd worden door hormonen, een chronisch slaaptekort en allerlei betweterige adviseurs werkelijk nodig hebben: een beetje houvast.