Wij moderne mensen krijgen relatief grote kinderen. Zeker als we hun gewicht vergelijken met dat van chimpansees. En die zware baby’s hebben grote gevolgen gehad voor het leven van onze voorouders, zo concludeert onderzoeker Jeremy DeSilva. De zware baby’s dwongen onze voorouders niet alleen om uit de boom te komen, maar luidden een heel nieuw sociaal systeem in.

Het geboortegewicht van een gezonde baby is gemiddeld 6,1 procent van dat van de moeder. En dat is flink. Apen krijgen kindjes met een gewicht dat slechts 3,3 procent van moeders gewicht is. “Het dragen van een relatief grote baby – zowel voor als na de geboorte – heeft belangrijke gevolgen voor de bevalling, het sociale systeem, de energie en de mobiliteit,” concludeert DeSilva in zijn nieuwste paper.

Wanneer?
Grote vraag is: wanneer begonnen onze voorouders zulke grote baby’s te krijgen? DeSilva gebruikte modellen om dat te achterhalen. Hij concludeert dat de 4,4 miljoen jaar oude mensachtige Ardi (Ardipithecus ramidus) nog vrij kleine baby’s kreeg. Hun lichaamsgewicht was ongeveer 2,1 tot 3,2 procent van dat van de moeder. Maar zo’n 3,2 miljoen jaar geleden werd dat anders. De mensachtige Australopithecus kreeg baby’s met een gewicht dat vijf tot zes procent van dat van de moeder was.

WIST U DAT…

…sommige wetenschappers denken dat een draagdoek ervoor zorgde dat het brein van mensachtigen groter werd?

Uit de boom
En dat had grote gevolgen. Apen kunnen met hun kleintjes op de arm gemakkelijk van tak naar tak springen. Maar voor de Australopithecus was dat waarschijnlijk geen optie. Sterker nog: deze mensachtige trok het waarschijnlijk niet eens om de volledige zorg voor het kind op zich te nemen. De kindjes van de Australopithecus begonnen namelijk pas rond hun zesde of zevende maand te lopen. Dat betekent dat de moeder de baby al die tijd moest dragen. Want de baby’s waren ook nog eens vrij hulpeloos.

Sociaal systeem
DeSilva concludeert dat de grote baby’s niet alleen het leven in de bomen, maar ook het sociale systeem van onze voorouders veranderden. Zo zorgen apen meestal op eigen houtje voor hun kinderen. Maar de Australopithecus heeft ongetwijfeld hulp gehad. En dat zorgt voor een nieuwe sociale structuur waarin mensen zich begonnen te onderscheiden van de chimpansee.

Die ontwikkeling zorgde ervoor dat meer kinderen in leven bleven. En dat is bijzonder. Het betekent namelijk dat de gezamenlijke zorg voor kinderen niet bij moderne mensen, maar al bij de Australopithecus ontstond.