Donkere materie zorgt er mogelijk voor dat er spontaan zwarte gaten ontstaan in de harten van neutronensterren. Dit concluderen wetenschappers Arnaud de Lavallaz en Malcolm Fairbairn van het King’s College in Londen. Zij onderzochten wat er gebeurt als donkere materie in de kernen van neutronensterren wordt gezogen.

Eén van de theorieën over donkere materie suggereert dat er van ieder deeltje ook een antideeltje bestaat. De twee annihileren als ze elkaar ontmoeten. Fairbairn en De Lavallaz gingen er voor hun theorie vanuit dat er geen antideeltjes van donkere materie bestaan.

Het duo berekende wat er gebeurt als donkere materie-deeltjes worden aangetrokken door de gigantische zwaartekracht van neutronensterren. Omdat ze elkaar niet annihileren, vormen de deeltjes een kleinere, smallere ster in het hart van een neutronenster. Als de neutronenster genoeg donkere materie blijft aantrekken, overschrijdt de interne ster van donkere materie het Chandrashekar-limiet.

Vervolgens ontstaat er een zwart gat. “De neutronenster overleeft dit niet en stort ook in”, vertelt Fairbairn. “Het is best wel catastrofaal.” Zo’n gebeurtenis zorgt voor een gammastralinguitbarsting, die mogelijk vanaf de aarde zichtbaar is.

Wetenschappers gaan deze theorie verder onderzoeken. “We gaan op zoek naar bewijzen dat neutronensterren niet lang leven in gebieden met veel donkere materie”, vertelt Dan Hooper van Fermilab.