Uit Nederlands onderzoek blijkt dat mensen met autisme na hun dertigste socialer worden.

Wij mensen beschikken over spiegelneuronen. Deze neuronen helpen ons anderen te begrijpen. Zo kunnen we bedenken wat een ander denkt, voelt of doet. De neuronen worden actief als we iemand anders iets zien doen of de gezichtsuitdrukking van de ander zien. In gedachten doen we de ander na en zo begrijpen we deze beter.

Zwakker
Mensen met autisme hebben meer moeite met het begrijpen van anderen, omdat het spiegelsysteem minder goed ontwikkeld is. Uit onderzoek van het Nederlands Instituut voor Neurowetenschappen van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen blijkt nu dat het spiegelsysteem bij mensen met autisme wel werkt, maar dat het alleen wat langer nodig heeft om zich te ontwikkelen. Bij de meeste mensen is het spiegelsysteem in de jeugd het meest actief. Maar bij mensen met autisme is het juist zwak als zij jong zijn. Pas na hun dertigste is het spiegelsysteem ‘af’ en functioneert het goed.

WIST U DAT…

…autistische kinderen meer moeite hebben met zoeken?

Socialer
En dat is goed merkbaar. Wanneer het spiegelsysteem beter is, functioneren de autisten op sociaal gebied ook beter. Ze ondernemen meer sociale activiteiten en hebben meer vrienden.

Behandeling
Het onderzoek kan de wetenschappers helpen om nieuwe en betere behandelingen te ontwikkelen. “Tot nu toe werd door velen aangenomen dat mensen met autisme moeite hebben om zich in anderen te verplaatsen omdat hun spiegelsysteem niet functioneert,” legt onderzoeker Christian Keysers uit. “Nu blijkt dat het systeem niet kapot is, maar zich vertraagd ontwikkelt, kunnen we gaan onderzoeken hoe de activiteit van spiegelneuronen gestimuleerd kan worden.”

Het volledige onderzoek is terug te vinden in het blad Biological Psychiatry.