Zodra baby’s achttien maanden oud zijn, zijn ze in staat om onderscheid te maken tussen levende en levenloze voorwerpen. Nu robots echter steeds levensechter worden, vroegen onderzoekers zich af of de baby’s wel in staat zijn om een onderscheid te maken tussen mensen en robots. De resultaten zijn verrassend: een robot wordt als mens gezien wanneer deze sociaal is.

De onderzoekers verzamelden 64 baby’s van anderhalf jaar oud. Terwijl de baby’s bij hun ouders op schoot zaten, keken ze hoe onderzoeker Rechele Brooks met een robot communiceerde. Brooks benaderde de robot daarbij als een kind en stelde vragen als: waar zit je buikje? En waar is je hoofd? De robot wees daarop naar die lichaamsdelen.

Piep
De baby’s volgden de sketch en keken elke keer van Brooks naar de robot en weer terug. Na de sketch verliet Brooks de kamer en begon de robot te piepen om de aandacht van de baby te krijgen. Daarna keek de robot naar diens speelgoed.

WIST U DAT…

Blik
In dertien van de zestien gevallen volgden de baby’s de blik van de robot en dat suggereert dat zij de robot als een levend wezen zien. Blijkbaar besloten de baby’s dat het ijzeren ding een mens was.

Levenloos
In een tweede experiment ging alles hetzelfde, maar vond er geen sketch plaats. De baby’s zagen de robot dus niet als communicerend en sociaal wezen. De resultaten zijn opvallend. Toen de robot dit keer naar diens speelgoed keek, volgden maar drie op de zestien baby’s zijn blik.

Blijkbaar beslissen baby’s op basis van de sociale interactie of iets of iemand een levend wezen is of niet. Het uiterlijk doet er daarbij niet toe; kunnen reageren op anderen is voor baby’s de ultieme menselijke eigenschap.