De echte gokker gaat ook wanneer hij aan de verliezende hand is gewoon door. Wetenschappers weten nu eindelijk waarom. Het brein beloont een gokker namelijk niet alleen als hij wint, maar ook wanneer het bijna fout – en dus net goed – gaat.

Volgens de onderzoekers geldt dit alleen voor de verslingerde gokker. In zijn brein komt zowel bij winst als bij ‘bijna verloren’ het hormoon dopamine vrij. Het stofje zorgt voor een goed en gelukkig gevoel waardoor gokkers aangemoedigd worden om door te gaan.

De onderzoekers scanden de hersenen van twintig proefpersonen terwijl deze aan het gokken waren. Onder de proefpersonen bevonden zich mensen die heel vaak en af en toe gokten. Het hormoon dopamine bleek vooral actief in de hersenen van mensen die vaak gokten.

Het experiment betrof een fruitmachine. De proefpersonen wonnen wanneer ze een bepaalde combinatie van twee iconen konden maken. Wanneer in die combinatie geen enkel icoon juist was, hadden ze verloren. Klopte één icoon dan werd dat genoteerd als ‘bijna goed’. Bij de gokkers die vaak in de gokhal te vinden waren, leverde zowel winst als ‘bijna goed’ dopamine op. En dat is opvallend; alleen winst werd immers met geld beloond.

Volgens de onderzoekers toont hun onderzoek aan waarom verslingerde gokkers ook als ze aan de verliezende hand zijn, doorgaan. De resultaten kunnen van belang zijn voor de behandeling van gokverslaafden.