Het aantal Indo-Chinese panters in het land is in vijf jaar tijd met 72(!) procent afgenomen.

Dat melden onderzoekers in het blad Royal Society Open Science. Ze baseren zich op veldonderzoek in het noordoosten van Cambodja. Ze troffen er gemiddeld slechts 1 Indo-Chinese panter per 100 vierkante kilometer aan. Nog niet eerder is in Azië zo’n lage concentratie panters vastgesteld, aldus de onderzoekers.

Afname
Het onderzoek wijst op een dramatische afname van het aantal panters in Cambodja: hun aantallen zouden in slechts vijf jaar tijd met 72 procent zijn afgenomen. In totaal zouden in het oosten van het land nu nog zo’n 20 tot 30 vruchtbare panters te vinden zijn. In heel Zuidoost-Azië gaat het naar schatting om zo’n 1000 vruchtbare Indo-Chinese panters.

Stroperij
De enorme afname zou met name te wijten zijn aan stropers. Zij hebben het vaak niet eens zozeer op panters voorzien; ze jagen voornamelijk op andere soorten die ze door kunnen verkopen als huisdieren of als voedsel. Maar de vallen die ze daarvoor neerzetten, maken geen onderscheid en nemen ook regelmatig panters te grazen. “Wilde gebieden zijn bedekt met duizenden strikken, opgezet om wilde zwijnen en herten te vangen voor hun vlees,” vertelt onderzoeker Susana Rostro-Garcia. “Helaas hebben deze strikken ook een negatieve impact op veel andere soorten. Panters en andere wilde dieren lopen er ook vaak in en dan worden hun waardevolle lichaamsdelen verwijderd en verkocht aan illegale handelaren.”

Enorme prooi

Het onderzoek naar de panters in Cambodja leverde nog een grote verrassing op. Zo ontdekten de onderzoekers dat de panters hier voornamelijk jagen op de banteng. Dit is een wild rund dat tot wel 800 kilo weegt. Voor zover we nu weten vinden we in Cambodja de enige panterpopulatie die het voorzien heeft op een prooi die meer dan 500 kilo weegt en meer dan vijf keer zwaarder is dan de panter zelf. Dat de Cambodjaanse panters op zo’n grote prooi jagen, is volgens de onderzoekers te herleiden naar de recente uitroeiing van tijgers in dit gebied. Tijgers jagen normaliter op banteng en nadat zij verdwenen, heeft de opportunistische panter waarschijnlijk zijn kans gegrepen en het stokje van de tijger overgenomen.

Leefgebied
Naast de stroperij heeft de panter ook te kampen met een kleiner wordend leefgebied. En doordat de mens steeds verder oprukt, zijn er ook steeds vaker conflicten tussen onze soort en de panters, waarbij de panters het onderspit moeten delven.

Laatste hoop
Het zijn zorgelijke ontwikkelingen. Met name omdat dit de laatste panters in heel het oosten van Indo-China zijn: een regio waaronder Cambodja, Vietnam en Laos valt. “Deze populatie vormt het laatste glimpje hoop voor de panters in Laos, Cambodja en Vietnam: het is een subsoort op het randje van uitsterven,” stelt onderzoeker Jan Kamler, verbonden aan Panthera, een organisatie die zich inzet voor het behoud van de grote katachtigen, waaronder de panter.

Het onderzoek maakt duidelijk dat het tijd is voor actie. De stroperij moet worden aangepakt en het leefgebied van de panters moet worden beschermd. Daarnaast wordt het tijd dat we een andere kijk krijgen op de panter, vindt onderzoeker David MacDonald. “Panters staan symbool voor opportunisme: ze passen zich aan allerhande leefgebieden – van woestijnen tot de verstedelijkte jungle – aan.” Maar hun flexibiliteit kan wel eens hun ondergang worden. “Mensen denken: ‘Oh, de panters redden zich wel’. Maar dat doen ze niet! Bijna overal doen ze het slechter dan mensen dachten en onze resultaten laten zien dat ze in het zuidoosten van Azië afstevenen op een catastrofe.”