De ruimte als ons 21e eeuwse Eldorado. Zal daar dan alles beter zijn? Columniste Eva Mulderberg twijfelt.

Ik las onlangs een artikel over een man die hard nadenkt over mogelijkheden om ook het klootjesvolk de ruimte in te krijgen. Dat moet goedkoop en gemakkelijk, want anders wil en kan het klootjesvolk niet. Ik vroeg me af waarom hij zijn ongetwijfeld indrukwekkende hersencapaciteit juist voor dit doeleinde benutte. Kon hij er niet iets anders mee doen? Kanker genezen, bijvoorbeeld. Maar nee, daar lagen – hoe hard het ook klinkt – zijn prioriteiten niet, zo bleek uit het artikel. De beste man weigerde namelijk om zich heen te kijken. Hij keek alleen omhoog. En daar had hij een goede reden voor. In de ruimte was namelijk iets te vinden wat op aarde overduidelijk ontbrak: hoop.

Irritant
In eerste instantie dacht ik dat de man ambitieus was. Later vond ik hem idealistisch. En niet veel later pretentieus. En niet lang daarna zelfs irritant. Hoop zoeken in de ruimte klinkt natuurlijk prachtig. Maar uit het artikel bleek ook al snel genoeg dat het nog wel even kon duren voor de middenklasse ook daadwerkelijk voet in de ruimte zou kunnen zetten. En dus – zo moest ik concluderen – waren wij als klootjesvolk voorlopig nog veroordeeld tot deze hopeloze aardkloot. In het artikel werd daar natuurlijk met geen woord over gerept. Het ging enkel over hoe mooi en goed het in de toekomst allemaal wel niet zou zijn.

Is hier dan hoop te vinden? Afbeelding: D Mitriy (via Wikimedia Commons).

Eldorado
Het artikel past helemaal in deze tijd. De ruimte is namelijk hard bezig om uit te groeien tot het Eldorado van de 21e eeuw. In de ruimte is alles beter, zo willen velen ons laten geloven. De ruimte lijkt dan ook in schril contrast te staan met onze thuisplaneet met dat tamelijk drastische klimaatprobleem, de overbevolking, tekort aan fossiele brandstoffen en de economische crisis. Er gaan dan ook serieus stemmen op om deze wereld achter ons te laten en andere planeten te gaan koloniseren. Daar gaan we het dan anders – en bovenal: beter – doen. We beginnen er met een schone lei.

Ruimteafval. Afbeelding: NASA.

Onmogelijk?
Maar kan dat? Kan de mensheid zijn leitje na al die jaren nog schoonvegen? Staan de zaken die de mensheid echt belangrijk vindt – expansie, rijkdom, macht – niet te diep in het leitje gekrast? De dromers die in gedachten Mars al gekoloniseerd hebben, denken van niet. Ze beweren dat we geleerd hebben van het verprutsen van onze thuisplaneet. Waar ze die conclusie op baseren? In ieder geval niet op de wereldhistorie, want die getuigt in geen enkel opzicht van het leervermogen van de mens. Oorlogen worden niet één, niet twee, maar duizenden malen uitgevochten. En ook het woord recessie – armoede die voortvloeit uit hebzucht – heeft een meervoud. En ook in de ruimte spreken de bewijzen tegen ons. We zijn nog geen eeuw in de ruimte actief en nu al stikt het rondom de aarde van het ruimteafval. Om nog maar te zwijgen over de golfballen, schoenen en andere troep die astronauten op de maan achterlieten. Ook zijn diverse landen al hard na aan het denken hoe ze beslag kunnen leggen op kostbare delfstoffen die we wellicht op bijvoorbeeld de maan gaan aantreffen.

Beetje vertrouwen
Dus vraag ik me opnieuw af: gaan we het daar beter doen? Begrijp me goed: ieder mens verdient een tweede kans. Maar wel met mate. Een veroordeelde pedofiel krijgt misschien een tweede kans, maar niet in een huurhuis naast een kinderdagverblijf. Een dief krijgt misschien een tweede kans, maar niet als beveiliger van een grote bank. Is het dan wel een goed idee om de mensheid een ongerepte planeet cadeau te doen? Misschien moeten we de ruimte tegen onszelf in bescherming nemen. Misschien moeten we een voorbeeld nemen aan die vrouw die haar vijfde huwelijk afblies uit angst dat er ook nog een zesde zou volgen.

Meer

Meer lezen van Eva? Verdiep u dan ook eens in haar vorige column over het schattige klimaatdebat.

Eldorado
Velen hebben jarenlang tevergeefs naar Eldorado gezocht. Ze konden de stad waarin alles van goud was niet vinden. Maar wat zou er zijn gebeurd als ze Eldorado wel hadden gevonden? Dan was de stad leeggeroofd en was deze er al spoedig niet meer geweest. Ons 21e eeuwse Eldorado is niet van goud. Het is simpelweg een plaats waar het beter is. Maar wat doen wij als we de stad vinden? Halen we er als muitende soldaten al het goede uit, zodat een woestenij achterblijft en de generaties na ons moeten concluderen dat ook dit 21e Eldorado eigenlijk nooit bestaan heeft?

De ruimte in of niet, is in eerste instantie geen kwestie van technologie of wetenschap of hoop. Het is een kwestie van vertrouwen. Niet in de mensheid, want als we het daarvan moeten hebben… Nee, vertrouwen in het bestaan van de schone lei. Vertrouwen dat de mensheid veranderen kan. Mijn oma had het nooit. “Er is niets nieuws onder de zon,” zei ze altijd. Een wijsheid die ze uit het grote zwarte boek met daarop gouden letters, haalde. En mijn oma was een wijs mens. Ze moet het dan ook wel bij het juiste eind hebben gehad. Is daarmee alle hoop vervlogen? Welnee. Oma had het tenslotte enkel maar over deze zon…