spinoza

Eeuwenlang was het een raadsel wie de drukker was van de twee belangrijkste werken van Spinoza. Vele pogingen van wetenschappers om dit te achterhalen, mislukten jammerlijk. Tot twee jonge studenten, Trude Dijkstra en Rindert Jagersma, van de Universiteit van Amsterdam hun licht erop lieten schijnen. Het is de studenten gelukt de naam van de drukker te achterhalen.

In 1670 verscheen het werk de Tractatus theologico-politicus. In dit boek pleit Spinoza, op basis van zijn analyse van de bijbel, voor godsdienstvrijheid en tolerantie. Het boek werd uitgegeven in Amsterdam, omdat deze stad bekend stond om zijn tolerante houding tegenover andersdenkenden. Toch kon dit boek, ook in Amsterdam, niet zomaar zonder gevaar verschijnen. Vandaar dat Spinoza ervoor koos om het boek zonder eigen naam te laten verschijnen. Het voorgevoel van de beste man was goed. Na het verschijnen van zijn boek barstte de kritiek los en werden de boeken in beslag genomen.

Spinoza is één van de bekendste Nederlandse filosofen. Ondanks alle aandacht voor zijn filosofisch werk kon men de ware naam van de drukker niet achterhalen. Lange tijd ging men er vanuit dat Jan Riewertsz de uitgever was. Door vergelijking van onder meer drukletters en gedecoreerde initiaalletters konden Dijkstra en Jagersma uiteindelijk de echte naam achterhalen: Israël de Paul. De Paul had zich in die tijd toegelegd op het drukken van (verboden) boeken uit de kring van vrijdenkers rond Spinoza. Omdat het drukken van dit soort boeken een gevaarlijke onderneming was in die tijd heeft De Paul alles in anonimiteit gedrukt.

Garrelt Verhoeven, hoofdconservator van de Bijzondere Collecties van de UvA vertelt: “Ik kan eigenlijk nauwelijks geloven dat het verhaal klopt. Twee van de belangrijkste boekhistorici op dit gebied, docent Paul Distelberge en onderzoeker John Lane, konden de bewijsvoering van de studenten gelukkig bevestigen. Dit laat maar weer eens zien dat nauwgezet onderzoek naar ons papieren erfgoed verrassende nieuwe inzichten kan opleveren.”